Overzicht: 
- Bastogne Historic Walk 2014 op zaterdag 13 december 2014
- Getuigenis van Nacht und Nebel-gevangene op Go2War2.nl
- Miniquiz: Leni Riefenstahl en Apocalypse WWI
- Nieuwe artikelen op Go2War2.nl
- Helmondse oorlogsslachtoffers: vind Max voor ons
- Recensie: Bastogne - De grootste slag om de Ardennen
- Retweet of like en maak kans op een boek
- Verhoor Albert Kesselring op Go2War2.nl


 
Bastogne Historic Walk 2014 op zaterdag 13 december 2014 (Redactie Nieuwsbrief)
De 37ste Bastogne Historic Walk zal plaatsvinden op zaterdag 13 december 2014. De route van de mars zal door de zuidelijke sector rondom Senonchamps, Villeroux en Assenois lopen. Wandelaars kunnen kiezen uit een afstand van 8, 12 of 20 kilometer. Inschrijving en vertrek zullen plaatsvinden tussen 7.00 en 9.30 uur vanuit het Sportcentrum van Bastogne.
 

 
Traditioneel is er in en rondom Bastogne in het weekend van de Bastogne Historic Walk meer te doen. Zo staat er voor zaterdag 13 en zondag 14 december in de sector Recogne - Cobru weer een re-enactment evenement van Duty First en HMRA in de planning. Ook de Bastogne Barracks is het gehele weekend geopend en organiseert vele activiteiten. Meer informatie over deze activiteiten is te vinden via de website van de gemeente Bastogne.

 
Getuigenis van Nacht und Nebel-gevangene op Go2War2.nl (Redactie Go2War2.nl)
Deze maand publiceerden we op Go2War2.nl het verslag van Helmonder Antoon Verberne die in 1942 door de Duitsers werd opgepakt vanwege sabotage-activiteiten. Als Nacht und Nebel-gevangene verbleef hij gedurende de oorlog in meerdere concentratiekampen, waaronder Neuengamme. Tijdens zijn gevangenschap in Neuengamme werd hij als dwangarbeider in de gebombardeerde stad Hamburg ingezet om lichamen van slachtoffers te bergen. Over dit gruwelijke werk vertelt hij in de onderstaande passage.
 
Hamburg
In Hamburg heb ik lang gewerkt. Hamburg is drie dagen gebombardeerd in 1943, op 27, 28 en 30 juli [red.: operatie Gomorrah]. Die stad was helemaal weg. Toen moest een commando van negenhonderd man gevangenen daar naartoe om de kelders vrij te maken en te kijken hoeveel lijken er in lagen. De mensen waren veelal gestikt en verdronken.
In groepen van vijftien gevangenen, drie SS-mannen en een hond gingen we elke morgen de stad in. Wij moesten vóór op het puin schrijven hoeveel doden in het huis zaten. Naderhand moesten wij de lichamen eruit halen. Via een menselijke ketting werden de lijken doorgegeven en op een wagen gegooid. Dat heb ik enkele maanden gedaan.
 

Hele huizenblokken in Hamburg veranderden in een ruïnes als gevolg van geallieerde bombardementen. © Imperial War Museum
 
Hilfe
Bij het opruimen van Hamburg mishandelden ze je niet. De SS-ers waren zelf ook onder de indruk. Het was ook heel vreselijk. Wij beleefden het niet zo; wij moesten dat werk doen en hadden al geleerd niet te denken.
Wij mochten in Hamburg alles opeten wat we vonden. Je mocht niets meenemen, wel opeten wat je vond. In het begin was dat veel. Er waren huizen die uit elkaar gesprongen waren maar waar alles nog was.
In een melkfabriek in Duitsland maakten ze kaas. Werkte je daar in de buurt dan kon je kaas eten. En blikjes van die gecondenseerde melk. Ik was er heel slecht aan toe toen ik daar naar toe moest. Weinig in gewicht. Maar in Hamburg ben ik echt weer bekomen, omdat ik daar een maand of drie als een beste heb kunnen eten. Dat scheelde een stuk.
Het was er wel gevaarlijk. Er lagen heel veel onontplofte bommen. Er was geen meter of er lagen spullen die uit die vliegtuigen gegooid waren. Geweldige hoeveelheden. De Engelsen hadden wel van te voren met pamfletten gewaarschuwd. Maar de Duitsers mochten niet gaan; ze mochten er niet uit. Ik weet ook niet hoeveel doden er gevallen zijn.
De Kommandoführer die met drie SS-mannen met ons meeging kreeg een papier waarop stond waar wij de lijken moesten gaan bergen. En daar gingen wij dan naar toe. Op een keer stonden wij, zeg hier, te werken en een meter of vier van ons vandaan was een kelder ingestort en daaruit hoorden wij 'Hilfe' roepen. De hele dag.
Daar ging hij niet naar toe, want wij moesten híer lijken bergen. Ik heb daar nog heel lang last van gehad. Heel langzaam stierf het geluid weg tot die mensen ook dood waren. Dat was de Duitse mentaliteit: je gaat daar naar toe en daar ga je werken. Ik heb het ooit tegen een Kommandoführer gezegd, want ik dacht: 'Hij hoort het niet'. Maar ik kreeg een 'Halt die Schnaut!'. Je had niks in te brengen.
Zo leefde je door.
 
Emmers genoeg
Toen de lijken geborgen waren moesten we de ingestorte kelders leeg gaan scheppen. De overblijfselen van de mensen, dus botten en al wat je vond, moest je apart in teilen en emmers doen. Die lagen daar genoeg na het bombardement. Daarna kwamen SS-artsen die probeerden uit te maken hoeveel mannen, kinderen en vrouwen dat waren geweest. Maar ze weten niet precies hoeveel.
Toen dat allemaal achter de rug was dacht ik: 'Nou zijn we klaar'. Ik dacht dat ze al die lijken wel begraven zouden hebben, maar dat was niet zo. Ze hebben ze gewoon op het kerkhof opgeslagen. Wij moesten massagraven graven. Vier hele grote gaten in de vorm van een kruis. En daar hebben we toen de lijken in moeten gooien. Die lagen ondertussen al een hele tijd, een half jaar of zoiets. Dat was vreselijk werk. Daar heb ik na de oorlog ook het meeste last van gehad. Je deed het want je moest bezig zijn. En anders werd je gestraft. Dat was ons leven.
 

 
Miniquiz: Leni Riefenstahl & Apocalypse WW1 (Redactie Nieuwsbrief)
Op Go2War2.nl is een nieuwe miniquiz geplaatst. Deze telt een achttal vragen, vier over filmmaakster Leni Riefenstahl en vier over de Eerste Wereldoorlog in relatie tot de Tweede Wereldoorlog. Onder de goede inzending mogen we van Bestelcentrale.nl drie keer een DVD-pakket verloten, bestaande uit de DVD-Boxen Leni Riefenstahl en Apocalypse WW1 (totaal 9 DVD’s). U kunt nog tot 1 januari 2015 deelnemen aan deze miniquiz. Veel succes!
 
 

 

 
Nieuwe artikelen op Go2War2.nl (Redactie Go2War2.nl)
Duitse torpedobootjagers van de Z 1-klasse
Torpedobootjager (Zerstörer in het Duits) was tot 1934 een onbekend begrip voor de Duitse marine. Dit type oorlogsschepen dat speciaal ontworpen en gebouwd werd om op torpedoboten te jagen, kwam pas goed tot ontwikkeling tijdens en vlak na de Eerste Wereldoorlog. De Reichsmarine, de voorloper van de Kriegsmarine, kreeg in 1919 echter zeer veel beperkingen opgelegd door de geallieerden. De voorwaarden stonden beschreven in het Verdrag van Versailles, dat op 28 juni 1919 ondertekend werd door de geallieerden en de Duitsers. De Duitse marine mocht onder andere geen torpedobootjagers bezitten met een grotere waterverplaatsing dan 800 ton.
 
 
 
Arpad-linie
De Arpad-linie (vernoemd naar grootvorst Árpád, de stichter van Hongarije aan het eind van de 9e eeuw) was een bijna 600 kilometer lange Hongaarse verdedigingslijn in de Oostelijke Karpaten, langs de historische oostgrens van het koninkrijk Hongarije. Doordat de fortificaties in het ruige berglandschap waren ingecorporeerd, werd de Arpad-linie als onbreekbaar gezien. Tussen augustus en oktober 1944 werd een bloedige en moeizame slag in de Oostelijke Karpaten uitgevochten.
 
 
 
Fliegerhorst Havelte
In mei 1940 nam de Luftwaffe de veroverde Nederlandse vliegvelden over. Zij werden al snel vergroot in het kader van de oorlog tegen Groot-Brittannië. In eerste instantie werden slechts twee nieuwe vliegvelden gebouwd: Volkel in Noord-Brabant en Peest in Noord-Drenthe bij Norg. De laatste werd uiteindelijk niet in gebruik genomen vanwege de natheid van de grond ter plaatse. Pas eind 1942 werd met de aanleg van een derde nieuw vliegveld begonnen te Havelte in Zuidwest-Drenthe.
 
 
 
Amerikaanse Elco 77-foot PT boat klasse
De Amerikaanse ontwerper Henry R. Stuphen, werkzaam voor de Electric Launch Company (Elco), ging in februari 1939 met zijn assistenten Irwin Chase, Bill Fleming en Glenville Tremaine op bezoek in Groot-Brittannië om voor de US Navy onderzoek te doen naar de ontwerpen van de Britse Motor Torpedo Boat (MTB). Bij de British Power Boat Company kochten zij een 21 meter lang ontwerp, de PV70, die later getest zou worden als USS PT 9. Deze PT 9 vormde het prototype voor de door Elco te ontwerpen en te bouwen PT-boten in de Elco 70' klasse of Elco 70 Foot klasse.
 

 
Helmondse oorlogsslachtoffers: vind Max voor ons (Redactie Nieuwsbrief)
Het onderzoek naar Helmondse oorlogsslachtoffers bracht al het verhaal van mevrouw Bakker boven tafel. Ondertussen hebben we ook Sanne Vonk en Jeroen van der Heijden gesproken. Sanne Vonk heeft twintig jaar geleden het boek Onder de Bescherming van de Engel Gabriël geschreven. Jeroen van der Heijden heeft daar aan ook meegewerkt en heeft daarnaast diverse andere verhalen voor de Heemkundekring Helmond Peelland geschreven. Beide kwamen met heel veel tips over waar wij meer informatie konden vinden. Er kwam ook één klein verzoekje; vind Max voor ons.

Twintig jaar geleden kregen ze namelijk naar aanleiding van dat boek een telefoontje van Antoon Verberne. Hij was namelijk met één van de besproken slachtoffers bevriend geweest en ze waren samen opgepakt. Het betrof Cor Moedt en samen hadden ze in en rond Helmond verzet gepleegd. Het resultaat van het telefoongesprek was een verhaal dat in 1995 door de Heemkundekring werd gepubliceerd. Het gaat over de oorlogservaringen van Antoon Verberne en die mogen wij nu opnieuw publiceren op onze Go2War2.nl website. Moedt overleefde de oorlog niet en staat dus ook op het oorlogsmonument in Helmond. Verberne wist de oorlog wel te overleven.

In Haaren kreeg Antoon Verberne op een gegeven moment een celgenoot. Dat bleek Isak Lievendag te zijn. Hij had een foto van zijn zoontje Max bij zich. Dat het met Isak slecht was afgelopen, was toen al bekend. Maar van Max was indertijd geen spoor meer te vinden. Zowel Verberne als de schrijvers vroegen zich dus af wat er met Max gebeurd was. Het verzoek was dan ook of wij Max konden vinden.
 

Helaas was Max snel gevonden; op onze website stond namelijk al een struikelsteentje voor Max en zijn familie. Max was op drie jarige leeftijd op dezelfde dag in Auschwitz om het leven gekomen als zijn moeder. Via het Joods Monument konden we een foto van Max achterhalen en vervolgens ook de familie van Max. Zo konden wij hen na zo veel jaren nog aanvullende informatie geven over hun omgekomen familie. Antoon Verberne is in 2003 overleden en ligt begraven op de begraafplaats Eikenhof in Valkenswaard.

Mocht u meer informatie hebben over Antoon Verberne, Cor Moedt, de familie Lievendag of andere Helmondse oorlogsslachtoffers, neem dan contact met ons op via het formulier of helmond@tracesofwar.com.

 
Recensie: Bastogne - De grootste slag om de Ardennen (John Smeets)
Het Ardennenoffensief is wel ‘een van de twee meest kritieke periodes voor het Amerikaanse leger in de Tweede Wereldoorlog in Europa’ genoemd (die andere kritieke periode is natuurlijk D-Day en de strijd om Normandië).
 
Bastogne is een naam die voor veel geïnteresseerden in de Tweede Wereldoorlog een welhaast magische klank heeft en symbool staat voor het Ardennenoffensief in de winter van 1944-45.
 
 

 
In de zeer rijke hoeveelheid literatuur die over de slag in de Ardennen is geschreven, heeft tot op heden nog niemand een apart boek gewijd aan de slag om het Belgische stadje Bastogne (Bastenaken). Natuurlijk hebben auteurs als Koskimaki, Barron, Burgett en Marshall goede pogingen gedaan om de strijd rondom Bastogne vanuit een bepaald perspectief te beschrijven, maar nog nooit ging een boek over alle verdedigers, aanvallers en de burgers die er middenin zaten.
 
Peter Schrijvers (auteur van o.a. "De Margraten Boys" en werkzaam aan de University of New South Wales in Sydney) doet, na hernieuwde onderzoeken, een poging om deze geschiedenis in één boek op te tekenen. Om maar meteen met de deur in huis te vallen: hij is daar bijzonder goed in geslaagd.
 
Door middel van persoonlijke anekdotes van hen die erbij waren, diepere inzichten en analyses beschrijft Schrijvers in duidelijke en toegankelijke taal de belangrijkste, relevante feitelijkheden rondom de strijd om Bastogne. In het boek komen soldaten van beide zijden, geschiedkundigen en ook burgers aan het woord die hun persoonlijke verhaal vertellen.
 

 
Retweet of like en maak kans op een boek (Redactie Go2War2.nl) 
Onder onze volgers op Twitter en Facebook verloten we een exemplaar van het boek “Bastogne – de grootste slag om de Ardennen” van Peter Schrijvers, uitgegeven door Manteau. Het enige dat u hoeft te doen is het onderstaande bericht op Twitter of Facebook respectievelijk te retweeten of liken. Deze berichten vindt u vastgepind bovenaan onze Twitter- en Facebookpagina. Voor vragen: quiz@go2war2.nl.
 
Twitter:
Peter Schrijvers schreef nieuw boek over Slag om Bastogne: bit.ly/1xQcxce. Retweet dit bericht en maak kans op een exemplaar.
 
Facebook:
Peter Schrijvers schreef een nieuw boek over de Slag om Bastogne: bit.ly/1xQcxce. Like dit bericht en maak kans op een exemplaar.
 
Volgt u ons nog niet op Twitter en Facebook? Meld u dan gauw aan en doe ook mee aan deze verloting. De winnaar wordt op 20 december a.s. op Twitter en Facebook bekend gemaakt, de dag dat in 1944 Amerikaanse troepen in Bastogne omsingeld werden door Duitse troepen.


Verhoor Albert Kesselring op Go2War2.nl (Redactie Go2War2.nl)
Elke maand citeren we in de STIWOT-nieuwsbrief een stuk uit een verhoor van het Internationale Militaire Tribunaal in Neurenberg. Dit keer hebben we een passage geselecteerd uit het verhoor van Generalfeldmarschall Albert Kesselring van de Luftwaffe. Kesselring werd als getuige opgeroepen. In de onderstaande passage wordt hij ondervraagd over het bombardement op de Britse stad Coventry dat plaatsvond op 14-15 november 1940.
 
Dr. STAHMER: Hebt u de aanval op Coventry in november 1940 geleid?
KESSELRING: Als commandant van Luftflotte II nam ik ongetwijfeld deel aan deze aanval. Ik kan nu niet zeggen of Luftflotte III er ook aan deel nam, maar ik wel.
Dr. STAHMER: Wat was het doel van de aanval?
KESSELRING: Volgens de lijst van doelen die door de afdeling archieven van de Opperbevelhebber van de Luftwaffe werd bijgehouden, was Coventry een centrum van de Britse bewapeningsindustrie; het stond bekend als “Klein Essen.” Deze lijst was zorgvuldig opgesteld door deskundigen, ingenieurs en officieren en bevatte kaarten, foto’s, beschrijvingen van doelen, sleutelpunten en dergelijke. Ik was net als mijn mensen volledig op de hoogte van deze bijzonderheden. Verder liet ik de eerder genoemde Generaal Wenninger en verschillende ingenieurs samen met de Opperbevelhebber van de Luftwaffe lezingen houden voor de manschappen over de doelen om ze vetrouwd te maken met de kenmerken van de doelen, de kwetsbaarheid ervan en de effecten van een luchtaanval.
Er werden de meest nauwkeurige voorbereidingen voor een aanval getroffen. Ik was er vaak bij aanwezig en de Reichsmarschall zelf inspecteerde ze soms. De missie naar Coventry was zeer eenvoudig omdat in die nachten het weer overwegend gunstig was zodat Coventry kon worden bereikt zonder radio navigatie. De spreiding van de doelen in Conventry was ook zeer eenvoudig zodat er gebombardeerd kon worden zonder hulp van fakkels en het was nauwelijks mogelijk het doel te missen. Maar bommen zijn onderhevig aan dezelfde wetten als andere projectielen; met andere woorden, in een land- en luchtoorlog vindt spreidng plaats over een groot gebied.
Bij een luchtmacht is er nog een eigenaardigheid dat wanneer er sterke formaties worden ingezet er niet op één enkel doel maar alleen op een heel doelgebied kan worden gericht wat natuurlijk een afwijking veroorzaakt ten opzichte van het doel zelf. Op bevel van de Opperbevelhebber van de Luftwaffe en op initiatief van de piloot van de verkenner werden alle hits en aanvallen de volgende gecontroleerd met behulp van luchtfoto’s. Het grondzicht was goed, maar zoals ik al zei in het geval van Rotterdam, werd de verwoesting van het doel niet zozeer veroorzaakt door de bommen zelf als wel door de zich uitbreidende branden.
Ik weet niet of ik hieraan nog iets zou moeten toevoegen. De Haagsche Conventie voor de Oorlog te Land voorzag niet in de behoeften van een luchtoorlog. Om eem willekeurige selectie van doelen te voorkomen moest het opperbevel zich met de kwestie bezig houden en algemen richtlijnen uitgeven, gebaseerd op de inleiding van de Haagsche Conventie, de intussen gepubliceerde literatuur en tenslotte de bijzondere omstandigheden die de Luftwaffe zelf tot leidraad dienen: Alleen die doelen die wij zelf op grond van internationaal recht toelaatbaar achtten, werden aan de luchtvloot of de formatie toegewezen. Dit sloot een heroverweging en verandering van doel in specifieke gevallen niet uit, dat werd overlegd met de Opperbevelhebber van de Luftwaffe en wij namen de verantwoordelijkheid ....
De PRESIDENT: U spreekt te snel.
KESSELRING: Met persoonlijke ontmoetingen en andere middelen drukten we onze eenheden op het hart, de voorbereidingen, het afwerpen van bommen, het richten, de weersomstandigheden zo nauwkeurig te bestuderen dat de hoogste graad van nauwkeurigheid kon worden bereikt en betreurenswaardige afzwaaiers op de omgeving van de doelen konden worden voorkomen. Het geval Coventry was bijzonder gelukkig omdat het een belangrijk militair doelwit was en niemand kon ervan zeggen dat het een aanval was, gericht tegen de burgerbevolking.
Dr. STAHMER: Ik heb verder geen vragen meer.
 
 
 
 

STIWOT Nieuwsbrief

14de jaargang, 11e editie
  november 2014



De schrijvers in deze Nieuwsbrief zijn onafhankelijk en niet gebonden aan enig politiek denkbeeld of groepering. Grote interesse in de Tweede Wereldoorlog en de behoefte om er iets mee te doen hebben geresulteerd in dit continue project op vrijwillige basis.

Indien u ideeën, vragen of opmerkingen heeft verzoeken wij u om contact op te nemen met STIWOT.