Overzicht:

- Boeken- en filmnieuws
- De actualiteit van de Tweede Wereldoorlog
- Quiz nr. 23 gesloten en opening 24e Go2War2-Quiz
- Ooggetuigenverslag: De Prinses Irene Brigade in Normandië
- Vacature: STIWOT Reporter
- Opmerkelijk
- Nieuwe artikelen op Go2War2.nl
- Werkvakantie Bergen Belsen
- Verhoor Kesselring op Go2War2.nl





Boeken- en filmnieuws (Redactie Go2War2.nl)
Op 22 januari ging de film “Valkyrie” in première in Tuschinski Amsterdam. De film vertelt het verhaal van legerofficier Kolonel Claus Schenk Graf von Stauffenberg die zich in 1943 aansluit bij een groep die samenzweert tegen Hitler. De mannen beramen een moord op de dictator om zijn nazi-regering omver te kunnen werpen. Tom Cruise speelt Claus von Stauffenberg, Carice van Houten speelt zijn vrouw, Nina von Stauffenberg.

Bij De Arbeiderspers verschijnt de biografie van Nina von Stauffenberg: “Nina Schenk, gravin von Stauffenberg”, geschreven door haar dochter Konstanze von Schulthess.

“Papa heeft zich vergist, en daarom is hij vannacht doodgeschoten,” zegt Nina von Stauffenberg op een dag tegen haar twee oudste zoons. “De Voorzienigheid heeft onze geliefde Führer beschermd,” voegt ze er nog aan toe. Pas na de oorlog zullen de jongens erachter komen dat hun vader geen verrader is, maar een held, en dat hun moeder tegen hen heeft gelogen om hen te beschermen.
Meer dan tot dusver werd aangenomen was Nina von Stauffenberg ingewijd in de plannen van haar man tegen Hitler, zo blijkt uit niet eerder bekende bronnen. Op het moment van de aanslag is Nina zwanger van Konstanze, die nu het levensverhaal van haar moeder heeft geschreven. Een persoonlijk portret van een bescheiden maar voorname vrouw, die voor en na de aanslag blijk gaf van een buitengewone innerlijke kracht.

Het duurt nog even, maar in april gaat de speelfilm “The Reader” in première. Dit romantische drama is gebaseerd op het boek “Der Vorleser” uit 1995 van de Duitse rechter en schrijver Bernhard Schlink.
Hoofdpersoon is de jonge Duitse scholier Michael Berg die op weg naar school ten val komt. Hij wordt geholpen door de tramconductrice Hanna (gespeeld door Kate Winslet). Ondanks dat zij tweemaal zo oud is als hij, raakt Michael volledig door haar geobsedeerd. Ze geven zich hartstochtelijk aan de liefde over en daarna leest hij haar telkens voor, het ene boek na het andere, de hele wereldliteratuur. Totdat Hanna van de ene op de andere dag verdwenen is.
Wanneer Michael acht jaar later (hij wordt dan gespeeld door Ralph Fiennes) als jonge rechtenstudent een tribunaal tegen nazi-oorlogsmisdadigers observeert, staat hij plotseling tegenover Hanna in een heel andere setting. Hanna staat terecht voor een verschrikkelijk misdrijf, maar weigert zich te verdedigen.
Kate Winslet won een Golden Globe voor beste vrouwelijke bijrol voor haar rol als Hanna. Meer informatie over de film en een trailer zijn te vinden op: www.thereader-movie.com.



De actualiteit van de Tweede Wereldoorlog (Egbert van de Schootbrugge)

Op 23 december 2008 stierf op de leeftijd van 96 jaar Luitenant-Kolonel Eric Charles Twelves Wilson.

Wilson werd geboren op 2 oktober 1912 in Sandown op het eiland Wight. Wilson genoot zijn militaire opleiding te Marlborough en Sandhurst. Op 2 november 1933 werd hij ingedeeld bij het East Surrey Regiment. In 1937 werd dit regiment geplaatst bij de “The King’s African Rifles” en in 1939 bij “The Somaliland Camel Corps”.

Eric Wilson was 27 jaar oud toen hij als kapitein bij het East Surrey Regiment voor een uiterst dappere prestatie het Britse Victoria Cross toegekend kreeg. In eerste instantie werd deze hoge onderscheiding postuum verleent omdat er gedacht werd dat Wilson tijdens zijn acties gesneuveld was. In werkelijkheid werd hij als krijgsgevangene naar Eritrea overgebracht waar hij later bevrijd werd.

In de zomer van 1940 had het Italiaanse leger ongeveer 350.000 manschappen in Abessynië en Eritrea. Met een deel van deze enorme troepenmacht vielen ze het Britse Somaliland aan. Met deze aanval dreigden ze controle te krijgen over de toegang tot de Rode Zee en de Britse posities van Aden tot Suez. Aangezien Somaliland slechts met 1500 man verdedigd werd, zochten de Geallieerde strijdkrachten wanhopig naar sterke verdedigingspunten. Voor het merendeel was het terrein vlak en slecht verdedigbaar, maar parallel langs de kustlijn, lagen de ruwe Golis heuvels waarvan één bergpas ruim 2400 meter hoog was. De Geallieerden besloten dit gebied als voornaamste verdedigingspunt te gebruiken.


Wilson, op dat moment uitvoerend kapitein, kreeg de belangrijke taak om de machinegeweren van het korps te positioneren op de vier smalle heuvels van de “Tug Argan” bergpas. De heuvels droegen de namen Black, Knobbly, Mill en Observation. Ondanks Wilson’s streven om de machinegeweren het meest tactisch op te zetten, waren de heuvels te wijd verspreid om het complete gezichtsveld te kunnen dekken. Wilson plaatste zich zelf op de heuvel “Observation”, de heuvel met het grootste schootsveld.

In de ochtend van 11 augustus 1940, vielen twee bataljons van de “Blackshirts” vergezeld van drie brigades koloniale troepen en artillerie de vier heuvels van alle zijden aan. Wilson’s geweer kreeg een voltreffer waarbij het machinegeweer van de steun werd afgestoten. Door daadkrachtig te handelen, kon de 4-kopige bemanning het machinegeweer snel weer tijdens de gevechtsacties gebruiken. De volgende granaattreffer doodde de Somali sergeant naast Wilson. Wilson zelf raakte gewoond aan zijn rechterschouder en linkeroog.

Wilson repareerde en positioneerde zijn geweer opnieuw en bleef de vijand die oprukte over de Mill Hill gedurende de hele middag bestoken. Deze actie veroorzaakte zulke verliezen onder de Italiaanse troepen dat ze artillerie binnen een straal van 700 meter van de positie van Wilson in stelling brachten. Deze werd echter uitgeschakeld door de enige artillerie die de verdedigers ter beschikking hadden. De 1st East Africa Light Battery’.

De dag daarop bleven de Italianen de positie van Wilson bestoken, nu gepaard met artillery. Op 13 augustus veroverden ze Geallieerde posities op Mill Hill. Een bevel om terug te trekken werd uitgezonden naar Wilson en wat er over gebleven was van zijn compagnie, maar dit bevel kwam nooit aan. De volgende dag werden 2 andere machinegeweernesten uitgeschakeld, maar Wilson, welke nu ook leed aan malaria, bleef terugvechten, totdat hij rond 5 uur ’s middags gevangen genomen werd.

Verhalen over de daden van Wilson bereikten zelfs London, waar algemeen aangenomen werd dat Wilson in de laatste aanval gesneuveld was. Hij kreeg zijn Victoria Cross ongeveer 2 maanden later toegekend. De werkelijkheid was echter anders. Wilson had de laatste aanval overleefd en zich over gegeven. Na medische verzorging, werd hij gevangen gezet in een krijgsgevangenkamp te Adi Ugri in Eritrea. Vanwaar hij uiteindelijk bevrijd werd.

Wilson stond bekend als een lange, verlegen en nerveuze man die door zijn moeder omschreven werd als “een lieve en schuchtere jongen”. Deze verlegen en nerveuze Wilson kreeg zijn Victoria Cross persoonlijk uitgereikt door Koning George VI op Buckingham Palace.



Quiz nr. 23 gesloten en opening 24e Go2War2-Quiz (Auke de Vlieger
)
Na vier maanden hebben wij op 1 december Quiz nr. 23 gesloten. De antwoorden staan inmiddels online. Het was opnieuw een redelijk pittige quiz; van de 84 deelnemers wist niemand alle vragen correct te beantwoorden. Drie deelnemers hadden echter slechts één fout en na loting hebben wij Wijnand Kooring tot winnaar benoemd. Hij krijgt de uit acht DVD's bestaande DVD-box World War II thuisgestuurd.

Tevens hebben wij 1 december weer een nieuwe quiz geopend. Het is opnieuw een interessante quiz geworden met een hoge diversiteit aan onderwerpen en zowel eenvoudige als lastige vragen. Test opnieuw uw kennis van de Tweede Wereldoorlog in Quiz nummer 24!



Ooggetuigenverslag: de Prinses Irene Brigade in Normandië (Hans de Leeuw)
Onderstaande tekst is geschreven door Hans de Leeuw die tijdens de Tweede Wereldoorlog in dienst was van de Prinses Irene Brigade. Het complete verslag van zijn oorlogservaringen is te lezen op Go2war2.nl.


“Eindelijk, op 30 juli ontvingen we de langverwachte order om aan boord te gaan; alle verloven werden ingetrokken. Vier dagen later verlieten we onze onderkomens in een konvooi van vrachtwagens op weg naar een afgesloten gedeelte van de Londense haven. Het was zondag 6 augustus toen mijn afdeling aan boord stapte van een LST (landing-ship-tank) en tegen 10:30 ’s ochtends stootten we af om langzaam op de Thames drijvend ons te begeven naar het verzamelpunt van een enorm groot konvooi. De zon scheen, we konden ons even ontspannen en eigenlijk was de overtocht een plezier vaart zonder enige opwinding en we kwamen aan in Normandië bij Arromanches waar inmiddels een kunstmatige haven was aangelegd, de “Mulberry”.

Deze Mulberry was klaarblijkelijk een brainwave geweest van Winston Churchill. Grote pontons, oude koopvaardijschepen en uitgetelde oorlogsbodems waren naar de kust gesleept en ter plekke tot zinken gebracht en daar bovenop waren metalen strekdammen aangebracht waarop voertuigen konden uitgeladen worden om hoog en droog naar de wal te rijden.

Zodoende zette ik op maandag 7 augustus voet aan wal, weer op Franse grond na vier lange jaren: HALLELUJA! Behalve wat kanongebulder in de verte leek het hier tamelijk rustig aan toe te gaan. Veldkeukens waren op het strand ingericht en we snelden erop af om ons eerste maal op het vasteland van Europa te nuttigen. Als er officieren waren die probeerden om voor te dringen op basis van het privilege van hun rang, werden ze snel terugverwezen door de militaire politie met het argument dat zelfs Winston Churchill besloten had om in de rij te gaan staan. Voldaan togen we terug naar onze voertuigen en vertrokken om de posities over te nemen van de Canadese 1st Airborne Division in een sector waar ze vrijwel vanaf het begin hadden gezeten en die toepasselijk “Hellfire corner” was genoemd (de hoek van het hellevuur. Red). Het liep tegen 08:00 toen mijn peloton ons eerste bivak inrichtte tussen de Normandische dorpjes Plume en Cessions; kleine nederzettingen die niet ver weg lagen van het stadje Deliverance-Dover.

Met onze pioniersschopjes groeven we zo diep als in de rotsachtige bodem mogelijk was om een schuilplaats voor de nacht te maken en maakten ons “bed” op met zoveel mogelijk dekens en kleren om een zachte ondergrond te hebben. En al spoedig lag iedereen in een diepe slaap, uitgeput als we waren van de inspanningen van die dag. Maar onze rust was niet van lange duur. Al spoedig werden we uit onze slaap gehaald door een barrage van luchtafweer geschut omdat er vijandelijke vliegtuigen over onze stelling heen vlogen. In de verte konden we ook de gedempte explosies onderscheiden van vijandelijk mortiervuur en het geluid van de 88’s, het Duitse langeafstandskanon. Gelukkig landden er geen granaten bij ons in de buurt en we wenden al snel aan het geluid.

We bleven een paar dagen op die plek en werden bevoorraad door de achterhoede. Tegen de 12de september braken we op en terwijl we door het dorp Rankin trokken, staken we de rivier de Ore over om nieuwe stellingen in te nemen voorbij het niemandsland. Omdat ik zelf belast was met de verbinding door middel van een zend en ontvanger set bleef ik goed op de hoogte van wat er om ons heen gebeurde en kon ik mijn kameraden daarover op de hoogte blijven houden. Dat droeg aardig bij aan mijn populariteit!”



Vacature: STIWOT-reporter (Redactie Nieuwsbrief)
STIWOT krijgt vaak persuitnodigingen om boekpresentaties, filmpremières, tentoonstellingen en lezingen bij te wonen of om historici, schrijvers of filmmakers te interviewen. Helaas is de mankracht binnen ons team te klein om op de meeste uitnodigingen in te gaan. Daarom zijn we op zoek naar een vrijwilliger met belangstelling voor zowel journalistiek als de Tweede Wereldoorlog. Van hem of haar wordt verwacht dat hij of zij enkele keren per jaar een persbijeenkomst bijwoont en daar een reportage of recensie over schrijft of een interview afneemt.

We zoeken iemand van 18 jaar of ouder met affiniteit met de journalistiek, bij voorkeur een student journalistiek. Persbijeenkomsten vinden meestal doordeweeks plaats in de Randstad, vooral in Amsterdam. Vervoer wordt door STIWOT niet geregeld, noch vergoed. Een zelfstandige, kritische instelling is vereist.

Ben je geïnteresseerd in de Tweede Wereldoorlog en wil jij jouw journalistieke vaardigheden tonen aan een groot publiek? Is het voor jou geen probleem om daarvoor te reizen en ben je in staat om zelfstandig te werken? Reageer dan op deze vacature en stuur een sollicitatie aan: kevin@go2war2.nl.



Opmerkelijk (Egbert van de Schootbrugge
)
Op de Amerikaanse begraafplaats Henri-Chapelle in België, ligt 1e Luitenant Eric F. Wood jr. begraven. Zijn eenheid was Company A, 589th Field Artillery Battalion, 106th Infantry Division. Zijn grafsteen vermeld als overlijdensdatum 17 december 1944, terwijl andere bronnen, zoals WW2Awards.com het houden op 22 januari 1945.

Een opmerkelijk verschil tussen deze twee overlijdensdatums, dat te verklaren is als onderstaande geschiedenis over 1e Luitenant Eric F. Wood in oogschouw genomen wordt.


Op 16 december 1944 lanceerden de Duitsers een grootschalige en wanhopige aanval in de Ardennen. Hoewel de aanval niet het gewenste succes had, behaalden de Duitse troepen toch een grote vooruitgang. Een van de Amerikaanse divisies die een deel van de Duitse hoofdmacht te verduren kreeg was de pas gearriveerde 106th Infantry Division. Zij waren bij hun aankomst in de frontlijn geplaatst, slechts enkele kilometers voor St. Vith. Toen de situatie op 17 december precair werd, trokken veel eenheden zich in alle haast terug naar St. Vith om aldaar een nieuwe verdedigingslijn op te zetten. Zo trokken ook de troepen van de 598th Field Artillery Battalion zich in kleine groepen terug.

Eén van deze groepen bestond uit ongeveer 25 officieren en manschappen, bij hun was de officier van Battery A, 1e Luitenant Eric F. Wood jr. De groep probeerde zich terug te trekken naar Schönberg. Terwijl ze een heuvel afreden richting Schönberg, zagen ze mannen in “groenachtige” uniformen heen en weer rennen over de weg. Een mitrailleur vuurde en de kogels vlogen de mannen om de oren. Ze doken van hun jeeps af en zochten hun veiligheid in een sloot. Om vervolgens hun weg te zoeken naar een beboste heuvel ten noorden van de weg. De mannen klommen moeizaam richting de top, terwijl een hevig spervuur van mortieren om hen heen viel. Ze verspreidden zich en vanaf dat moment was het iedereen voor zichzelf!

De moeilijke terugtocht had één bijna onoverbrugbare hindernis, de Our rivier. Een rivier die dwars door Schönberg loopt en welke overgestoken dient te worden om in St. Vith te komen en zodoende terug te keren naar de Amerikaanse linies. In 2 dagen tijd haalden naar schatting ongeveer 200 Amerikanen de overkant, ook in de daarop volgende dagen wisten volgens ruwe schattingen ongeveer 200 soldaten St. Vith te bereiken. Helaas waren er meer soldaten die het niet haalden dan wel.

Een soldaat die wel de oever van de rivier haalde, maar nog steeds faalde om terug te keren naar de Amerikaanse linies was 1e Luitenant Eric F. Wood jr. Toen Amerikaanse troepen eind januari het terrein heroverden op de Duitsers, vonden ze Wood’s lichaam in het bos achter Schönberg, niet ver van St. Vith en nabij het dorp Meyerode. Officieel werd geregistreerd dat Wood gesneuveld is op 17 december 1944, dezelfde dag dat hij en zijn medevluchter onder hevig mortiervuur kwamen. Toen zijn lichaam gevonden werd in het bos nabij Meyerode vonden ze zeven gedode Duitsers vlak bij hem.

Voor Wood’s vader, een generaal in Eisenhower’s staf, was dit het teken dat zijn zoon niet gesneuveld was op 17 december, maar een aantal weken later, nadat hij op een heroïeke wijze een guerrilla oorlog gevochten had tegen de Duitsers. Wood sr. verzamelde onder burgers die destijds in Meyerode woonden beëdigde verklaringen die deze theorie ondersteunen.

Zo verklaarde Peter Maraite dat hij laat in de middag van 17 december twee Amerikaanse soldaten (één van hen was een jonge officier) tegenkwam. Nadat Maraite hen kon overtuigen dat hij betrouwbaar was, nodigde hij ze uit bij hem thuis waar ze die nacht bleven slapen. Toen de twee Amerikanen de volgende dag vertrokken, gaven ze aan dat hun doel was het bereiken van de Amerikaanse linies in St. Vith, slechts enkele kilometers verderop. Mocht dat niet lukken, dan hadden ze het plan om de Amerikaanse soldaten die nog aan de westzijde van de rivier de Our te verzamelen en met hen de strijd aan te gaan tegen de Duitsers.


In de dagen en weken na 17 december, hoorden de burgers van Meyerode regelmatig geweervuur uit de bossen komen, waarna gewonde Duitsers vanuit het bos terugkeerden naar het dorp. Van tijd tot tijd hoorden de inwoners deze Duitsers klagen over verzet in het bos. Een gerucht ging door de inwoners dat een kleine groep Amerikanen actief was in het bos, waarbij ze Duitsers in hinderlagen (meestal met succes) probeerden uit te schakelen. Hun leider was een erg grote, jonge officier, met een enorm gespierd lichaam en een moedig karakter.

Inwoners van Meyerode vonden later het grote lichaam van een jonge Amerikaanse officier in het bos. Volgens Wood sr. was dit het lichaam van zijn zoon, die voor zijn moedige strijd in het bos postuum onderscheiden zou moeten worden met de Medal of Honor.

Mocht het waar zijn dat Wood inderdaad een kleinschalige guerrilla oorlog in het dicht beboste gebied tussen Schönberg en St. Vith heeft gevoerd, dan was hij een man van ongekende toewijding. Waar andere Amerikaanse soldaten hun uiterste best deden om terug te keren naar de Amerikaanse linies, vocht hij met enkele anderen een bijzondere guerrilla oorlog. Toch blijven veel vragen onbeantwoord: hoe beschutten zij zich tegen de kou? Waar haalden ze het voedsel vandaan om dagen en weken achtereen in de bossen te overleven? En hoe zat het met de munitie?

Voor de Belgische burgers was er echter geen twijfel. Of Wood nou stierf op 17 december tijdens zijn vlucht, of weken later na een moedige strijd, de Belgen richtten een monument op in het bos waar hij naar hun zeggen wekenlang de strijd heeft volgehouden. Een indrukwekkend monument, maar wie kan zekerheid geven over de omstandigheden waarin Wood het einde vond?



Nieuwe artikelen op Go2War2.nl (Redactie Go2War2.nl)

Tobie Goedewaagen (door Frans van den Muijsenberg)
Tobie Goedewaagen (Amsterdam, 15 maart 1895 - Den Haag, 4 januari 1980) was een gerespecteerd wetenschapper en filosoof, geboren in een typisch bourgeoismilieu in Amsterdam. Nadat zijn universitaire loopbaan niet verliep zoals hij had gehoopt, raakte hij steeds meer onder de invloed van het nationaalsocialistische gedachtegoed. In de eerste oorlogsdagen sloot hij zich aan bij de NSB en kreeg hier al direct een vooraanstaande positie in het ombouwen van de vooroorlogse kunsten in nationaalsocialistische kunst. In de periode 1940-1943 was hij secretaris-generaal van de NSB en secretaris-generaal van het Departement van Volksvoorlichting en Kunsten (DVK). Vanuit het DVK werden de zelfstandige afdeling de Nederlandsche Kultuurkamer (NKK) en het adviserend orgaan de Nederlandsche Kultuurraad (NKR) opgericht. Vooral binnen de Kultuurraad speelde Goedewaagen een belangrijke rol.

Lees verder
.

Sobibor (door Robert Jan Noks)

Sobibor is een klein dorpje in zuidoost Polen in de provincie Lublin, gelegen aan de spoorlijn Chelm-Wlodawa en op enkele kilometers van de huidige Poolse oostgrens met Oekraïne. Zonder de Tweede Wereldoorlog zou het niet meer dan een onbeduidend en onbekend gehucht zijn gebleven. De geschiedenis besliste echter anders. In de nabijheid van het dorpje, tegenover het lokale stationnetje en op enkele kilometers van de grensrivier de Bug bouwden de Duitsers in het vroege voorjaar van 1942 op een afgelegen, bosrijke en moerassige locatie een vernietigingskamp dat de naam Sobibor een lugubere plaats in de geschiedenis zou geven.

Lees verder.



Werkvakantie in Bergen Belsen (Redactie Nieuwsbrief)
YMCA Nederland is een vrijwilligersorganisatie voor jeugd- en jongerenwerk, die vanuit christelijke waarden wil werken met, door en voor jongeren. Een belangrijke activiteit van de organisatie is het organiseren van werkvakanties. Eén van die vakanties staat in het teken van het voormalige concentratiekamp Bergen Belsen.

Op het voormalige kampterrein zullen de deelnemers aan de werkvakantie resten van het kamp opgraven, onderhouden en documenteren. Door middel van rondleidingen, video’s en gesprekken met ooggetuigen krijgen zij veel informatie over deze historisch zo belangrijke plaats. Er wordt ook stil gestaan bij het heden en de link wordt gelegd naar actuele situaties, zoals de gevolgen van intolerantie, machtsmisbruik en discriminatie.

Naast het werk is er uiteraard nog genoeg tijd om andere dingen te doen zoals zwemmen, volleybal en uitstapjes maken. De deelnemers komen uit Duitsland en Nederland. Interesseert het onderwerp je en vind je het leuk om mensen uit andere landen te leren kennen, dan is dit wat voor jou. Voor meer informatie verwijzen we je graag naar de website van YMCA Nederland.


Verhoor Kesselring op Go2War2.nl (Redactie Go2War2.nl)
Ook in het nieuwe jaar publiceren we in elke nieuwsbrief een passage uit een verhoor van het Internationale Militaire Tribunaal in Neurenberg.  Dit keer hebben we gekozen voor een stuk uit het verhoor van getuige Albert Kesselring, tijdens de oorlog Generalfeldmarschall in de Luftwaffe en van 1942 tot 1945 Opperbevelhebber Zuid. Ter sprake komt onder andere de sterkte van de Luftwaffe aan de vooravond van de Tweede Wereldoorlog.

“Mr. JUSTICE JACKSON: U hebt verklaard dat de Luftwaffe een zuiver defensief wapen was, is dat uw verklaring?
KESSELRING: Ja.
Mr. JUSTICE JACKSON: Hoe groot was de Duitse sterkte aan diverse soorten vliegtuigen aan het begin van de Poolse veldtocht?
KESSELRING: Omdat ik geen lid van de centrale raad was kan ik u slechts een schatting geven op basis van mijn eigen verantwoordelijkheid, zonder garantie voor de historische juistheid van die aantallen. Alles bij elkaar zou ik zeggen dat we over ongeveer 3.000 toestellen beschikten. Alles bij elkaar, voor zover ik me nu herinner, waren er tussen de dertig en veertig bommenwerpergroepen, het zelfde aantal jagers en er waren tien groepen duikbommenwerpers, jagers .....
Mr. JUSTICE JACKSON: Kunt u mij het aantal in iedere groep noemen?
KESSELRING: Ongeveer dertig toestellen, dat tot zeven, zes of vijf afnam in de loop van de dag. Om verder te gaan waren er tien tot twaalf groepen duikbommenwerpers, waaronder toestellen voor gronddoelen en tweemotorige jagers. Onder dat aantal bevonden zich ook verkenningstoestellen en een zeker aantal marinevliegtuigen.
Mr. JUSTICE JACKSON: En de verhouding tussen bommenwerpers en jagers bedroeg ongeveer twee op een, niet waar?
KESSELRING: De verhouding bommenwerpers – jagers was ongeveer 1 tot 1 of 1.2, of 1.3 op 1. Ik zei ongeveer 30 tot 40 en ongeveer 30 groepen jagers. Als ik de tweemotorige jagers erbij tel zou de verhouding ongeveer 1 op 1 zijn.
Mr. JUSTICE JACKSON: Dat is de manier waarop u aan het totaal van 3.000 eenheden komt?
KESSELRING: De reden waarom ik u dat aantal kan noemen is omdat ik in deze maanden van rustig nadenken een schatting heb gemaakt zonder daarbij de historische waarheid te onthullen.
Mr. JUSTICE JACKSON: Nu, beschouwt u een bommenwerper als een defensief wapen of een offensief wapen?
KESSELRING: Over de bommenwerper moet ik hetzelfde zeggen als over de duikbommenwerper en de jager, gelijkwaardig als defensief en als offensief wapen. Ik heb gisteren uitgelegd dat of het nu om defensieve of offensieve oorlogvoering gaat, de taak van de luchtmacht moet altijd als een offensieve worden uitgevoerd omdat de doelen ver weg en zeer verspreid liggen. Ik heb ook uitgelegd dat een luchtmacht die uitsluitend uit lichte toestellen bestaat gedoemd is vernietigd te worden omdat die niet in staat is de diverse stadia van de vijandelijke vliegtuigproductie aan te vallen, zijn verzamelgebieden en zijn bewegingen in de diverse gebieden.
Mr. JUSTICE JACKSON: Met andere woorden, de Luftwaffe was een defensief wapen als u zich in de verdediging bevond en een offensief wanneer u aanviel?
KESSELRING: Ik heb de laatste helft van de vraag niet begrepen.
Mr. JUSTICE JACKSON: De Luftwaffe zou als een defensief wapen fungeren als u zich verdedigde en als offensief wapen wanneer u aanviel, is dat niet zo?
KESSELRING: Dat zou je zo kunnen zeggen. Ik zou het anders willen uitdrukken. Zoals ik heb gezegd is
een luchtmacht hoofdzakelijk een offensief wapen, ongeacht of die voor aanval of verdediging wordt ingezet.
Mr. JUSTICE JACKSON: U hebt mij denk ik verbeterd. Nu dan, in Nederland, in Polen .....
KESSELRING: Mag ik nog iets anders over dat onderwerp zeggen?
Mr. JUSTICE JACKSON: Ja, ja.
KESSELRING: Namelijk dat wat ik gisteren op het laatst zei dat het essentiële onderdeel van een offensieve luchtmacht de lange-afstands, viermotorige bommenwerper is en daar had Duitsland er geen van.
Mr. JUSTICE JACKSON: Hoe kwam het dat Duitsland er geen had?
KESSELRING: Allereerst bevonden we ons in een gevaarlijke periode en daarom beperkten we ons tot wat voor een zuiver defensieve luchtmacht absoluut noodzakelijk was.
Ten tweede probeerden we, in overeenstemming met ons karakter, met precisiebombardementen zoveel mogelijk te bereiken, anders gezegd met duikbommenwerpen met inzet van het minimum aan materieel en hier denk ik aan de JU 87 als typisch voorbeeld daarvan.”


Lees het complete verhoor.

 

 

 
STIWOT Nieuwsbrief
9e jaargang, 1e editie
januari 2009
 


De schrijvers in deze Nieuwsbrief zijn onafhankelijk en niet gebonden aan enig politiek denkbeeld of groepering. Grote interesse in de Tweede Wereldoorlog en de behoefte om er iets mee te doen hebben geresulteerd in dit continue project op vrijwillige basis.

Indien u ideeën, vragen of opmerkingen heeft verzoeken wij u om contact op te nemen met STIWOT.