Overzicht:
- Doe mee aan de filmquiz op Go2War2.nl
- WW2Awards.com vernieuwd
- Onlangs verschenen: Wereld in Oorlog #24
- Een kijkje achter de schermen van een Oorlogsmusea.nl medewerker
- Nieuwe artikelen op Go2War2.nl
- Bezienswaardigheid uitgelicht
- Recensie: Fokker G1 "Le Faucheur"
- De koningin sprak
- Verhoor Joachim van Ribbentrop op Go2War2.nl



Doe mee aan de filmquiz op Go2War2.nl (Redactie Nieuwsbrief)
Op Go2War2.nl kunt u tot 9 oktober a.s. meedoen aan een prijsvraag over wo2-filmklassiekers. Daarbij maakt u kans op de 8 DVD-box Oorlogsklassiekers, waarvan Crow Concepts drie exemplaren voor de winnaars beschikbaar heeft gesteld.
 

 
De DVD-box is exclusief verkrijgbaar in de Telegraaf Webshop. De volgende films maken deel uit van deze box: Von Ryan’s Express, Battle of Britain, A Bridge too Far, The Desert Fox, The Longest Day, Patton, Sink the Bismarck en Tora! Tora! Tora!

Tevens krijgt u bij deze box 2 vrijkaarten van Liberty Park Overloon t.w.v. € 13,- per stuk cadeau! Kaarten geldig tot 31 december 2012.
 


WW2Awards.com vernieuwd (Redactie WW2Awards.com)
De oplettende bezoeker zal het al wel hebben opgemerkt. De website WW2Awards.com heeft een metamorfose ondergaan. De Technische Dienst van STIWOT heeft weer een knap stukje werk afgeleverd. De 'look' van de website is volledig nieuw, de zoekfuncties zijn verbeterd en ook inhoudelijk zijn diverse aanpassingen doorgevoerd.
 
En dit is nog maar het begin. In de nabije en verdere toekomst zullen nog diverse aanpassingen worden doorgevoerd die de bruikbaarheid en inhoud van de website nog zullen verbeteren. Voor dit moment willen we alvast één nieuwe functie introduceren. Langzaam maar zeker zal een aanvulling bij de personen op de website verder worden ingevuld. Sinds kort wordt bij de onderscheidingen die men onder een persoon kan vinden, indien bekend, ingevoerd voor welke operatie deze onderscheiding is verkregen. Elders op de website zijn overzichten te vinden van personen die voor deze operatie een onderscheiding hebben ontvangen.
 
Toch zijn we nog niet helemaal tevreden. In de header van de website WW2awards.com zijn nu een beperkt aantal foto's te vinden. Wij zouden dit meer willen kunnen wisselen. We roepen de lezers van deze nieuwsbrief dan ook op voor een kleine fotowedstrijd.
 
Het thema is "Wo2 onderscheidingen en hun ontvangers". Een nauwkeuriger omschrijving willen we niet geven om uw creativiteit de vrije loop te laten. Er zijn maar twee criteria:
1. De foto moet een relatie hebben met het genoemde thema.
2. De foto moet qua opzet en formaat bruikbaar zijn.
 
Let wel, met deelname aan de wedstrijd geeft u STIWOT het recht om de foto's voor te gebruiken. Uiteraard zal bij gebruik uw naam worden vermeld. Op WW2Awards.com zal dat op de contributors pagina gebeuren.
 
Stuur deze foto voor 1 maart 2012 naar wilco@stiwot.nl . Op 16 mei 2012, als de website 8 jaar bestaat, maken we bekend welke foto's er van dusdanige kwaliteit zijn dat ze voor de website gebruikt zullen worden. De winnaars ontvangen eeuwige roem en een nader te bepalen verrassing.


Onlangs verschenen: Wereld in Oorlog #24 (Redactie Nieuwsbrief)
Onlangs is Wereld in Oorlog #24 verschenen. Door een ongelukkige combinatie van vakanties en drukte is deze aflevering later uitgekomen dan gepland, maar hij is weer de moeite waard. Zeker ook vanweg het interview met STIWOT-medewerker en oud-militair Lars van Lier over zijn scholenproject en over STIWOT.
 
In deze aflevering staan verder vijf artikelen met de volgende onderwerpen:
 
- De strijd aan de Hindenburglinie bij Bullecourt in april-mei 1917. Als onderdeel van het Frans-Britse voorjaaroffensief van dat jaar moeten de Australiërs het dorp Bullecourt aanvallen. Door geblunder van de Britse legerleiding loopt het niet goed af met de Aussies.
- De Keizerlijke Osmaanse oorlogsdecoratie van 1915. E.A.J. van Engeland kreeg als kind van zijn oom een enigszins rare sheriffster voor op zijn cowboypakje. Het bleek een Osmaanse oorlogsmedaille. Verslag van een onderzoek.
- Enigma. Weinig apparaten uit de Tweede Wereldoorlog spreken zo tot de verbeelding als de Duitse Enigma codeermachine. Een raadsel ontleed.
- Silbertanne Aktion, de laatste overlevende. Historica Inger Schaap publiceerde vorig jaar een spraakmakend boek over de beruchte sluipmoorden door de SS, waar Klaas Carel Faber, de meest gezochte oorlogsmisdadiger, aan deelnam. Exclusief voor Wereld in Oorlog voerde zij een gesprek met de laatste overlevende van Silbertanne Aktion.
- Kleurenfotografie in het Derde Rijk. Martijn Steenbergen vraagt zich af hoe de Nazi's gebruik maakten van kleurenfotografie. "Farbe täuscht Wirklichkeit wirklicher vor als schwarzweiss."

Daarnaast Korte Berichten en boekbesprekingen en de column van Evertjan van Roekel. Tomas Ross gaat in zijn serie 'Oorlogsmysteries' in op de intrige achter het 'Venlo-incident'.
 

 
Abonnees hebben Wereld in Oorlog #24 inmiddels ontvangen. Voor niet abonnees: bestel hem online op Magvilla.nl of download hem op: Magazine.nu.
 
Het volgende nummer verschijnt medio november. Daarin kunt u waarschijnlijk een artikel van Auke de Vlieger verwachten over “regimentszonen” in het Rode Leger. Kevin Prenger schreef een artikel over de geallieerde “Monuments Men”.

 
Een kijkje in de werkzaamheden van een Oorlogsmusea.nl medewerker (Anneke Moerenhout)
Deze rubriek geeft u een kijkje in het vrijwillige werk van een oorlogsmusea medewerker. Sommige foto’s zijn makkelijk gemaakt, voor een andere, vaak exclusievere foto moet heel wat meer worden gedaan.
 
In april 2010 tijdens een autorit naar zuid Spanje lag het op de route om een paar dagen te verblijven in Barcelona en op zoek te gaan naar het oorlogsgraf van het gemenebest van de Schotse Charles Hill. Deze stad heb ik reeds meerdere malen bezocht, maar ik was nog nooit op de grootste begraafplaats Montjuïc geweest. Deze begraafplaats is gelegen aan de zuidoostelijke kant van de heuvel Montjuïc en de aanleg hiervan is begonnen in 1883. De begraafplaats is ruim 550.000 vierkante meter groot en er liggen ruim 150.000 graven.
 
De begraafplaats is moeilijk te vinden maar gelukkig kom je met navigatie een heel eind. Gedeeltelijk mag je met de auto op dit enorme terrein. De begraafplaats is in diverse klasses verdeeld, veel grote marmeren praalgraven voor de allerrijksten, nissen voor de middenklasse en grafkuilen voor de armsten der bevolking.
 
Het zoeken in dit doolhof naar het gemenebest graf van de Schotse Charles Hill was een crime! De vaak cryptische omschrijvingen over de locatie van het graf op de website van de Commonwealth War Graves Commission maken dit vaak niet veel makkelijker.
De aanwijzing dat hij op het oude gedeelte zou liggen en de daarbij behorende straat op de begraafplaats bracht me niet bij het graf. Op het oude gedeelte mag je (en dat kan ook niet) met de auto. De graven zijn schuin tegen de heuvel gemaakt met slechte steile paadjes ertussen. Bijna bovenop de heuvel, het was het meest verwaarloosde stuk van de begraafplaats, lag het slecht onderhouden graf van Charles Hill. Je wordt er stil van als je dan eindelijk bij het graf staat van iemand die zijn leven heeft gegeven in de Tweede Wereldoorlog.
 

 
Op de begraafplaats is ook een gedeelte wat Fossar de la Pedreda heet. Hier is een massagraf van het Francoregime met ongeveer 4.000 gefusilleerde mensen, waarvan de meesten, zowel mannen als vrouwen hier anoniem zijn gedumpt door de troepen van Generaal Franco. Hier staan ook pilaren met meer dan 2.000 namen van de Franco slachtoffers en er is ook een herdenkhoek voor de slachtoffers van de Tweede Wereldoorlog.
 
Het bezoeken van deze begraafplaats kost je zeker een halve dag maar, is zeker de moeite waard. Het is er zeer indrukwekkend om te zien.
 
Oorlogsgraf van het Gemenebest Barcelona.


Nieuwe artikelen op Go2War2.nl (Redactie Go2War2.nl)
SU-76 Gemechaniseerd Kanon
De SU-76 (Samokhodnaya Ustanovka “zelfrijdend affuit” 76) was een licht gemechaniseerd kanon dat na de T-34 het meest gefabriceerde Sovjet gepantserde voertuig tijdens de Tweede Wereldoorlog was. Het diende als vervanging voor de primaire rol van de lichte tank (T-60 & T-70) in de korte afstandsondersteuning van de infanterie op het strijdtoneel. Hoewel de SU-76 niet in staat was om zware tanks uit te schakelen was het een ideaal wapen om in te zetten als ondersteuning van infanterieformaties. De SU-76 werd tussen 1942 en 1945 gefabriceerd.
 
 
 
Nederlandse bewakingsvaartuigen
Gedurende de laatste weken van augustus 1939 verscherpten de internationale verhoudingen in de landen rond Nederland zich zodanig dat de Nederlandse regering besloot tot de algemene mobilisatie. Voor de Koninklijke Marine betekende dit onder andere dat de Bewakingsdienst werd opgericht. Deze bewakingsdienst had als doel een verrassend optreden van vijandelijke oorlogs- of koopvaardijschepen te voorkomen, het bewaken van de territoriale wateren inclusief de havens en riviermondingen en het voorkomen van schending van de Nederlandse neutraliteit.
 
 
 
Ondergang van de Rakuyo Maru en de Kachidoki Maru
Op 12 september 1944 werden door Amerikaanse onderzeeboten twee Japanse schepen, de Rakuyo Maru en de Kachidoki Maru tot zinken gebracht. Het was niet bekend bij de geallieerden dat deze schepen behalve een lading rubber en Japanse passagiers, Australische en Britse krijgsgevangenen vervoerden. Meer dan 2.000 geallieerde krijgsgevangenen kwamen door de aanval in het water van de Zuid-Chinese zee terecht. Honderden drenkelingen werden door de Japanners aan hun lot overgelaten. Zij waren blootgesteld aan de brandende zon, ze hadden geen drinkwater of voedsel en velen waren ziek of gewond. Sommigen van hen hielden het echter vol en werden gered door Amerikaanse onderzeeboten en overleefden zodoende de oorlog. Meer dan duizend drenkelingen kwamen echter om het leven.
 
 
 
Documenten
Behalve bovenstaande artikelen zijn de afgelopen weken meerdere artikelen toegevoegd aan het onderdeel “Documenten”. U vindt daar nu onder meer de proclamaties van Koningin Wilhelmina, de inauguratietoespraak van Seyss-Inquart en de legerberichten van het Nederlandse opperbevel van mei 1940.

 
Bezienswaardigheid uitgelicht (Paul Moerenhout)
De website Oorlogsmusea.nl bevat duizenden entries. Al deze bezienswaardigheden hebben hun eigen verhaal, het ene verhaal bekender dan het andere. In deze rubriek wordt maandelijks een van deze entries uitgelicht. Deze maand is dat het enige Noorse Oorlogsgraf in Nederland. Dit is het graf van Arne Helle Holter, hij ligt begraven op de kloosterbegraafplaats van het voormalige klooster Sankt Ludwig in Vlodrop.
 

 
Op 4 november 1944 pleegde Sjt. Arne Helle Holter een aanval met zijn Spitfire op het spoor bij Vlodrop-Station. Tijdens de aanval werd de Noor geraakt door vijandelijk vuur en stortte neer nabij Vlodrop-Station. Hij werd begraven op het kerkhof van het klooster St. Ludwig. Op zich is het niet zo bijzonder dat er een Noors oorlogsgraf is in Nederland, er zijn tijdens de Tweede Wereldoorlog ongeveer 250 Noren in Nederland gesneuveld, nagenoeg allemaal in dienst van de R.N.A.F. (Royal Norwegian Air Force). Wat wel erg bijzonder is dat ze allemaal, op Arne Helle Holter na, zijn gerepatrieerd naar Noorwegen. Het graf is jaren verzorgd door Mevrouw Peters-Bronneberg, zij en haar familieleden schuilden in het klooster rond de bevrijding van de omgeving tijdens de Tweede Wereldoorlog. Op basis van de gebeurtenissen heeft de zoon van deze mevrouw een boek geschreven, dit boek heet: 'Het koperen kruis'.
 
Het graf is te bezoeken, het is mooi gelegen in het bos achter het voormalige klooster. Het is aan te raden de auto te parkeren op het grote parkeerterrein bij Vlodrop-station en vanaf hier door de bossen naar de begraafplaats te lopen. Het is een flink stukje lopen door het bos. Op Oorlogsmusea.nl kunt u de exacte locatie vinden van het graf. Het is niet mogelijk om de begraafplaats via het terrein van het voormalige klooster te bezoeken.

 
De koningin sprak (Egbert van de Schootbrugge)
In deze rubriek worden proclamaties en radiotoespraken van koningin Wilhelmina uit de Tweede Wereldoorlog integraal weergegeven. Afhankelijk van de lengte van de teksten zullen iedere maand één of meerdere proclamaties of toespraken worden gepubliceerd.
 
- Radiotoespraak 12 september 1940 - Uitgezonden door Radio Oranje -
 
De wijze waarop mijn zestigste verjaardag is herdacht en de vele uitingen van aanhankelijkheid en medeleven, die   mij bereikten, zowel uit Nederland onder de keerkringen als van overal waar Nederlanders vertoeven, die vrijelijk uiting kunnen geven aan hun gevoelens, doen mij andermaal mijn toevlucht nemen tot de microfoon, teneinde allen persoonlijk mijn diepgevoelde dank te betuigen. Gaarne zou ik ieder afzonderlijk hebben beantwoord, maar dit is mij niet mogelijk, want meer dan drie dagen lang stroomden, zonder ophouden, telegrammen mij toe en ontving ik bovendien ontelbare brieven, terwijl fraaie bloemstukken uit Oost en West, uit Engeland en van elders, mijn huis in een tuin herschiepen.
 
In het kort wil ik u zeggen van wie ik heilwensen ontving. Zij kwamen niet alleen van hoge autoriteiten en colleges, van vorstel, zelfbestuurders, regenten en landschapshoofden, van onze weermacht en tal van hare onderdelen, van vele leden van civiel bestuur, van de wakkere bemanningen onzer koopvaarders, maar ook van gehele groepen der bevolking van alle landaarden, van kerkelijke gemeenten en autoriteiten, van zendingsposten, van tal van verenigingen, instellingen en ondernemingen op allerlei gebied, van bijeenkomsten, grote en kleine, tot in de meest afgelegen plaatsen gehouden, en van talrijke particulieren, zo ingezetenen als vreemdelingen. De gelukwensen en betuigingen van aanhankelijkheid en trouw gingen gepaard aan de verzekering van bereidheid tot het brengen van elk offer voor de bevrijding des vaderlands en spraken de overtuiging uit: Nederland zal herrijzen, Nederland zal weer vrij worden.
 
Zo heeft deze herdenking zich ontwikkeld tot een overweldigende betoging voor het herstel van Neerlands onafhankelijkheid en voor de hereniging in ongestoorde vrijheid van onze gemeenschap van 70 miljoen ingezetenen in het Nederlands staatsverband. Dit is een historisch feit van blijvende betekenis. Ware het mogelijk geweest onder de inwoners van Nederland en onder de vrije Nederlanders in het buitenland een vrije stemming te houden, evenals onder de ingezetenen van Groter Nederland in Oost en West, deze had geen overtuigender en welsprekender uitkomst kunnen opleveren.
 
Allen die aan deze spontane nationale onafhankelijkheidsuiting deelnamen, zijn daarmede aan onze landgenoten in het bezette vaderland tot een grote steun in hun lijden geweest en zullen hun vast vertrouwen in de toekomst nog gesterkt hebben. Ik dank u alle namens hen, wie op vaderlandse bodem het zwijgen is opgelegd voor uw grootse nationale uiting. Vol geestdrift en van heler harte sluit ik mij bij u aan. Een volk, dat over levenskracht en een vaste wil beschikt, kan niet zonder meer door wapengeweld worden ten onder gebracht. De wapenspreuk van mijn geliefde moeder, de palm groeit tegen de druk in,  vindt thans hare toepassing; onze nationale polsslag is krachtiger, doelbewuster dan te voren. Als een eendrachtig en aaneengesloten volk doorstaan wij de beproeving.
 
Een nieuwe bewijs hiervoor is de spontane vrijgevigheid in Nederlands-Indië voor het te mijner beschikking gestelde Koningin Wilhelmina Fonds. De vaderlandsliefde van de gevers, hun vaste wil de oorlog te winnen ter bevrijding van Nederland heeft bij hen de wens doen opkomen een deel der ingekomen gelden, ten bedrage van 5 miljoen gulden, te zien besteed voor militaire doeleinden in de bondgenootschappelijke strijd. In overeenstemming met de bedoeling van de schenkers heb ik Zijne Majesteit de koning van Groot-Brittannië  in kennis gesteld met de voorgenomen schenking van een aantal militaire vliegtuigen, waartoe het Prins Bernhard Fonds, waarin het bedrag zal worden gestort, zijn bemiddeling zal verlenen.
 
Grootse uitingen van eenheid en onafhankelijkheidszin, gepaard aan dergelijke blijken van nationale offervaardigheid en doortastendheid, kunnen niets anders dan ons opheffen boven de moeilijkheden en bekommernissen van het ogenblik en doen ons met vertrouwen de toekomst tegemoet zien, welke ons allen onder Gods zegen een vrij en onafhankelijk Nederland zal teruggeven. In een land met beperkte vrijheid is voor Oranje geen plaats.
 
Is eenmaal de vrijheid herwonnen, dan wacht ons het werk van de wederopbouw. Gemakkelijk zal dit niet zijn, want het zal daarbij niet eenvoudig gaan om een herbouw naar een oud model. Een open oog voor de fouten, die in de loop der jaren in ons staatsbestel waren geslopen, zal gepaard moeten gaan aan het inzicht en de moed om de veranderingen aan te brengen, die nodig zijn gebleken. Ik zie hier een arbeidsveld in het bijzonder voor de jongeren, die, vasthoudende aan onze aloude vrijheidszin, op de bodem van ons roemrijk verleden een gebouw zullen hebben op te trekken in overeenstemming met het karakter van ons volk, dat aan het Christendom zijn beschaving dankt.
 
Luisteraars, Radio Oranje heeft u over zeer uiteenlopende onderwerpen ingelicht; het heeft u ook mededelingen gedaan over het hier te Londen gevoerde beleid mijner regering.  Het is mij een genoegen u zelf te kunnen mededelen, dat mijn ministers en ik thans reeds alles in het werk stellen om, zodra het ogenblik daarvoor zal zijn aangebroken, onmiddellijk aanvang te kunnen nemen met de bevoorrading van Nederland, zowel wat de voedselvoorziening betreft als met betrekking tot de grondstoffen voor de economische wederopbouw. Wij geven ons volkomen rekening van het feit dat, ondanks onze aanzienlijke koopvaardijvloot, het niet mogelijk zal zijn iedereen onmiddellijk te geven wat hij wenst, doch wij vertrouwen dat de Nederlandse degelijkheid van de opzet een geregeld en toenemende toevoer zal waarborgen.
 
Aan het einde gekomen van hetgeen ik u wilde mededelen, wens ik ten besluite een woord, dat zo vaak voorkwam in de tot mij gerichte telegrammen, te herhalen en tot het mijne te maken. Dat woord is: Nederland zal herrijzen!
 
Leve het vaderland!

 
Recensie: Fokker G-1 ‘Le Faucheur’ (Peter Kimenai)
De Fokker G-1 was bij de presentatie aan het publiek op de Parijse Salon van 1936 een sensatie en maakte grote indruk op het publiek. Een indruk die nog steeds merkbaar is als luchtvaartenthousiasten praten over dit vliegtuig. De tweemotorige Fokker G-1 had een dubbele staartboom met een fraai vormgegeven centrale gondel. Dit was geen nieuw concept, maar wel bijzonder goed uitgewerkt.
 
In de jaren na de Tweede Wereldoorlog is er vreemd genoeg, naar verhouding, weinig geschreven over de Fokker G-1, wat toch een van de meest tot de verbeelding sprekende en herkenbare Nederlandse vliegtuigen was en nog steeds is. In 1970 werd een standaardwerk geschreven, door kolonel F.J. Molenaar, over de luchtverdediging in mei 1940 waarin het toestel genoemd wordt. Hugo Hooftman heeft er eind jaren `70 een boek aan gewijd en Bart van der Klaauw, de in 2005 op 84-jarige leeftijd overleden luchtvaartdeskundige, schreef er een Engelstalig Profile over. Ook Karel Mallan schreef in 1985 een boeiend boek waarin de Fokker G-1 een belangrijke rol speelde. Helaas bleken er in deze werken nog vele feiten te ontbreken en sommige zaken bleken zelfs onjuist te zijn. Medeauteur Frits Gerdessen heeft ooit een aanzet gemaakt voor een boekje over de Fokker G-1 dat door omstandigheden nooit is uitgegeven. Dit werk werd de basis van “Fokker G-1 ‘Le Faucheur’”.
 

 
“Fokker G-1 ‘Le Faucheur” is volgens de auteurs geschreven om aan de lezer zoveel mogelijk kennis over te dragen over het wel en wee van de Fokker G-1. Hierbij worden in dit eerste deel onderwerpen behandeld zoals de ontwerpen van de verschillende modellen van de Fokker G-1, de buitenlandse belangstelling voor het toestel en de verschillende varianten die van het vliegtuig gebouwd werden of gebouwd zouden worden. In een nog te verschijnen tweede deel zal de operationele geschiedenis van de Fokker G-1 behandeld worden. Een grote valkuil voor de twee boeken zou een overvloed aan informatie en een te groot aantal details kunnen zijn. Te veel gegevens kunnen een lezer ontmoedigen om zich verder in het boek te verdiepen. Of zoals de auteurs zelf schrijven: “Het beschrijven van de Fokker G-1 is een hachelijke zaak: voor de één gaan we teveel in detail en voor de ander niet ver genoeg. Het zij zo; we hebben gestreefd naar volledigheid zonder ons altijd te verliezen in details”.
 
Dit statement van de auteurs gaat niet geheel op. Het is duidelijk dat zij gestreefd hebben naar volledigheid en perfectie, maar dit konden de schrijvers natuurlijk nooit doen zonder tot in de kleinste details te gaan. Niet alleen technische details, maar ook ontwerpdetails, wapenbeschrijvingen, kostprijzen en zelfs offertenummers. Dit is echter geen enkel bezwaar. Alhoewel het boek waarschijnlijk voor een beperkte doelgroep geschreven is zullen echte liefhebbers van militaire luchtvaart in het algemeen en die van de Fokker G-1 in het bijzonder, smullen van al die informatie. De meer neutrale lezer kan de vele details naast zich neerleggen en toch een heel duidelijk overzicht krijgen van de ontwikkelingen van de Fokker G-1. De vele mooie foto`s en overzichtelijke illustraties zullen alle lezers genoegen doen en misschien zelfs herinneringen oproepen. Zelfs aan de modelbouwer is gedacht door het toevoegen van meerdere aanzichten in kleur.
 

 
Verhoor Joachim von Ribbentrop op Go2War2.nl (Redactie Go2War2.nl)
Elke maand citeren we in de STIWOT-nieuwsbrief een stuk uit een verhoor van het Internationale Militaire Tribunaal in Neurenberg. Dit keer hebben we gekozen voor een stuk uit het verhoor van Joachim von Ribbentrop, de naziminister van Buitenlandse Zaken. Ter sprake kom de vervolging van de Hongaarse Joden.
 
De PRESIDENT: Getuige, het Tribunaal wil weten of u werkelijk tegen Regent Horthy [staatshoofd van Hongarije] gezegd hebt, dat Joden naar concentratiekampen moesten worden gestuurd.
 VON RIBBENTROP: Ik beschouw het als mogelijk dat dit het geval geweest kan zijn want we hadden destijds een bevel ontvangen dat er bij Boedapest of ergens anders een concentratiekamp moest worden opgezet en dat de Joden daar zouden moeten worden samengebracht en de Führer had mij al lang daarvoor opdracht gegeven een mogelijke oplossing van het Jodenvraagstuk met de Hongaren te bespreken. Deze oplossing zou uit twee gedeelten moeten bestaan. Een ervan was de verwijdering van Joden uit belangrijke regeringsfuncties, de tweede, omdat er zoveel Joden in Boedapest woonden, deze in bepaalde wijken van Boedapest onder te brengen.
 De PRESIDENT: Ik begrijp dat u suggereert dat dit document onjuist is.
 VON RIBBENTROP: Ja, het is onjuist. De manier waarop ik het zou willen zeggen, meneer de President, wanneer men dit document leest zou uit dit document blijken dat ik het mogelijk of wenselijk achtte om Joden dood te slaan. Dat is volkomen onwaar maar wat ik hier wel gezegd heb en later heb benadrukt zou alleen zo kunnen worden uitgelegd dat ik wilde dat er in Hongarije iets gebeurde om het Joodse vraagstuk op te lossen, zodat andere departementen in deze kwestie niet tussenbeide zouden komen. De Führer sprak er vaak over met me, heel ernstig zelfs, zeggend dat het Joodse vraagstuk in Hongarije nu moest worden opgelost.
 De PRESIDENT: Dat hebt u ons denk ik al verteld. Wat ik u wilde vragen was dit: Suggereert u dat Schmidt, die dit memorandum heeft opgesteld, de laatste paar zinnen verzonnen heeft, beginnend met de woorden:
 "Als de Joden daar niet wilden werken, zouden ze worden neergeschoten. Als ze niet konden werken moesten ze worden uitgeroeid. Ze zouden moeten worden behandeld als tuberculosebacillen waarmee een lichaam geïnfecteerd kan raken. Dit is niet wreed als men bedenkt dat onschuldige wezens in de natuur, zoals hazen of herten gedood moeten worden zodat ze geen schade kunnen aanrichten. Waarom moet aan de beesten die ons het Bolsjewisme wilden brengen, meer mildheid worden getoond. Naties die zich niet van Joden ontdaan hebben, zijn verdwenen. Een van de meest bekende voorbeelden hiervan was de val van een eens zo trots volk, de Perzen die nu een armzalig bestaan leiden als Armeniërs."
Suggereert u dat Schmidt deze zinnen heeft verzonnen of ze heeft gedroomd?
 VON RIBBENTROP: De genoemde opmerking werd niet op deze manier gemaakt. De heer Horthy had blijkbaar gezegd dat hij toch niet alle Joden kon doodslaan. Het is mogelijk, want daar zou in ieder geval geen sprake van zijn, dat ik in dit verband geprobeerd heb Horthy over te halen in Boedapest onmiddellijk iets te doen aan het Joodse vraagstuk, namelijk het bijeen brengen van Joden dat de Führer al veel langer had willen doen. Mijn protest of mijn toevoeging kan naar deze kwestie hebben verwezen.
 Ik moet eraan toevoegen dat de situatie destijds als volgt was: We hadden herhaaldelijk indicaties van Himmler ontvangen, in die zin dat Himmler de Joodse kwestie in Hongarije zelf wilde afhandelen; ik wenste dat niet want dat zou op een of andere manier politieke moeilijkheden in het buitenland hebben veroorzaakt.
 Als gevolg hiervan, en handelend volgens de wens van de Führer die uiterst koppig was over dit onderwerp heb ik, zoals bekend herhaalde malen geprobeerd de plooien glad te strijken en op hetzelfde moment de Hongaren te dwingen er in elk geval iets aan te doen. Daarom, als er uit een lang gesprek een opmerking uitgelicht wordt en kort samengevat en een dergelijke verklaring bevat, betekent dat zeker niet dat ik wenste dat Joden moesten worden doodgeslagen. Dat druiste vierkant in tegen mijn persoonlijke overtuiging.
 De PRESIDENT: Ik begrijp niet of u mijn vraag hebt beantwoord of niet. Ik zal hem u nogmaals moeten stellen. Is dat verslag juist of is het niet juist?
 VON RIBBENTROP: Nee, in deze vorm kan dat niet juist zijn. Dit zijn notities. Ik heb deze notities zelf nooit eerder gezien, anders zou ik meteen gezegd hebben dat dit onzin is en voor verkeerde uitleg vatbaar. Ik heb deze notities niet eerder gezien, ik zag ze hier in Neurenberg voor het eerst.
 Ik kan slechts één ding zeggen wat er misschien is gebeurd. Ik zou kunnen hebben gezegd ...nou ja, "de Joden kunnen niet worden uitgeroeid of dood geslagen dus doe alstublieft iets wat de Führer eindelijk tevreden stelt en breng die Joden bijeen."
 Dat was ons streven, tenminste destijds. We wilden de situatie niet op de spits drijven maar we probeerden in Hongarije iets te doen waardoor geen ander departement de zaken ter hand kon nemen en daarmee in het buitenland politieke problemen voor Buitenlandse Zaken veroorzaken.
 M. FAURÉ: U wist destijds dat er vele Joden waren gedeporteerd. Dat kan men opmaken uit uw verklaringen.
 De PRESIDENT: Een moment alstublieft. Gaat u een ander document behandelen?
 M. FAURÉ: Ik ga er in meer algemene termen op door.
 VON RIBBENTROP: Meneer de President, ik wil hieraan toevoegen dat ik erg bedroefd werd door deze woorden van de Führer en dat ik ze niet helemaal begreep. Maar misschien kan deze houding alleen worden begrepen als we bedenken dat de Führer geloofde dat de Joden deze oorlog waren begonnen en dat hij langzamerhand een fanatieke haat jegens hen is gaan koesteren.
 Ik herinner me ook dat ik later, na deze vergadering, met de tolk Schmidt en de twee heren het feit heb besproken dat dit de eerste keer was dat de Führer met betrekking tot het Jodenvraagstuk, uitdrukkingen had gebruikt die ik niet langer kon begrijpen. Deze woorden zijn zeker niet door Schmidt verzonnen. De Führer heeft zich destijds op een dergelijke manier uitgedrukt. Dat is waar.
 De PRESIDENT: Ja, meneer Fauré.
 M. FAURÉ: Uit dit document blijkt dat u dacht dat er zich concentratiekampen in Hongarije bevonden maar gisteren zei u echter dat u niet wist of die ook in Duitsland waren, is dat niet zo?
 VON RIBBENTROP: Ik wist niet dat er concentratiekampen in Hongarije waren maar ik heb wel gezegd dat de Führer mij opdracht had gegeven Horthy te vragen de Hongaarse regering te verzoeken de Joden in Boedapest bijeen te brengen, in bepaalde wijken van de stad Boedapest. Wat concentratiekampen in Duitsland betreft, ik heb het gisteren al gehad over mijn kennis van dit onderwerp.
 M. FAURÉ: U gaf toe dat u van Hitler's beleid alle Joden te deporteren afwist en u gaf toe dat voor zover u als Reichsaussenminister bevoegd was, u dit beleid steunde. Dat klopt toch, niet waar?
 VON RIBBENTROP: Als zijn trouwe volgeling volgde ik de bevelen van de Führer op, zelfs op dit gebied maar ik heb altijd mijn uiterste best gedaan de situatie zo veel mogelijk te verzachten. Dat kan door vele getuigen worden verklaard en bevestigd. In 1943 heb ik zelfs een omvangrijk memorandum aan de Führer overhandigd waarin ik hem smeekte het beleid jegens de Joden volledig te wijzigen. Ik zou nog meer voorbeelden kunnen aanhalen.
 M. FAURÉ: Als ik uw getuigenis goed begrijp, was u moreel tegen deze Jodenvervolging maar u hielp bij het uitvoeren ervan, niet waar?
 VON RIBBENTROP: Ik heb aan het begin van mijn verhoor herhaaldelijk gezegd dat ik in die zin nooit anti-Semiet geweest ben. Maar ik was een trouwe volgeling van Adolf Hitler.
 
 
 
 

STIWOT Nieuwsbrief

11de jaargang, 9e editie
  september 2011



De schrijvers in deze Nieuwsbrief zijn onafhankelijk en niet gebonden aan enig politiek denkbeeld of groepering. Grote interesse in de Tweede Wereldoorlog en de behoefte om er iets mee te doen hebben geresulteerd in dit continue project op vrijwillige basis.

Indien u ideeën, vragen of opmerkingen heeft verzoeken wij u om contact op te nemen met STIWOT.