Overzicht:
- Winactie openingsevent Museum Bevrijdende Vleugels
- 1e deel van "Nederlandse marineschepen 1939-1945" verschenen
- Meewerken aan TracesOfWar.nl?
- Onthulling plaquette omgekomen medewerkers NS Hoofdwerkplaats Tilburg
- Poolse vliegeniers vlogen voor de vrijheid van anderen
- Boekpresentatie Felix C. Bakker
- "De rol van het Nederlandse verzet is totaal onderschat"
- Recensie: De Jodenvervolging in foto's
- Nieuwe artikelen op TracesOfWar.nl

 
Winactie: Openingsevent Museum Bevrijdende Vleugels op 14 april
Op 14 april vindt de seizoenopening van Museum Bevrijdende Vleugels in Best plaats. Het museum begint dit jaar met een bijzonder event met live re-enactment, rijden met WO2-voertuigen, tankdemo's en talloze andere activiteiten voor jong en oud. Tickets voor dit openingsevent en 2019 member-passen zijn vanaf nu te koop in de ticketshop. Koop jij je tickets in maart, dan zijn deze tevens geldig voor een gratis rondrit in een WO2-voertuig.
Wij mogen van het museum drie keer twee tickets verloten onder de lezers van onze nieuwsbrief. Om hierop kans te maken stuur je een mail aan winactie@tracesofwar.com onder vermelding van “Winactie Bevrijdende Vleugels”. De winnaars worden op 1 april uitgeloot en zullen de tickets digitaal toegezonden krijgen. Veel succes!
 
Klik hier voor meer informatie over dit museum

 
1e deel van "Nederlandse marineschepen 1939-1945" door Peter Kimenai verschenen
Het eerste deel van het naslagwerk "Nederlandse marineschepen 1939-1945" is in maart 2019 gepubliceerd door uitgeverij Lanasta. De schrijver is Peter Kimenai, medewerker van TracesOfWar.nl sinds 2009 en deskundige op het gebied van de Nederlandse marine in oorlogstijd. Dit eerste deel gaat over kruisers, torpedobootjagers, kanonneerboten en escorteschepen.
 
 
Vlak voor de Tweede Wereldoorlog werden in Nederland een aantal schepen op stapel gezet om de te kleine oorlogsvloot uit te breiden. Er waren zelfs plannen voor de bouw van drie slagkruisers. Maar toen Duitsland op 10 mei 1940 Nederland binnenviel, één van de grootste koloniale mogendheden ter wereld, moest de Koninklijke Marine in Nederland het stellen met een verouderde kruiser, zes onderzeeboten, negen torpedoboten, een torpedobootjager, veertien kanonneerboten, zeven mijnenleggers, acht mijnenvegers, een antiek pantserschip als drijvende batterij en een tachtigtal vliegtuigen waarvan er misschien tien stuks enige oorlogswaarde hadden.
 
Dat dit weinige grijs volstrekt ontoereikend was, werd tijdens de Tweede Wereldoorlog pijnlijk duidelijk. De Koninklijke Marine werd op alle fronten verpletterend verslagen. Door de veerkracht en moed van de marinemannen en met hulp van de bondgenoten, kon de Nederlandse zeemacht de strijd tegen de As-mogendheden echter toch voortzetten.
 
Meer Nederlandse Marineschepen beschrijft alle Nederlandse oorlogsschepen waarover de Koninklijke Marine tijdens de Tweede Wereldoorlog kon beschikken. Ook de schepen die tijdens de oorlog aan de vloot toegevoegd werden door nieuwbouw, aankoop of op leenbasis.
 
Deel 1 van Nederlandse Marineschepen behandelt de kruisers, torpedobootjagers, kanonneerboten en de escortevaartuigen. In de volgende delen zullen de onderzeeboten, mijnenvegers en mijnenjagers, torpedoboten, pantserschepen, bewakings- en patrouillevaartuigen, gemilitariseerde schepen van de Gouvernements Marine, kleinere schepen en hulpschepen aan bod komen.
 
Klik hier om het boek te bestellen op Bol.com

 
Meewerken aan TracesOfWar.nl? 
TracesOfWar.nl wordt volledig onderhouden en bijgewerkt door een enthousiast team van ongeveer vijftig (internationale) vrijwilligers. We zijn altijd op zoek naar nieuwe medewerkers op vrijwilligersbasis. Zo kunt u bij ons bijvoorbeeld aan de slag als schrijver van artikelen over de Tweede Wereldoorlog of als fotograaf van aan oorlogsgeschiedenis gerelateerde bezienswaardigheden. Voor meer informatie kunt u terecht op het actuele vacatureoverzicht of neemt u contact met ons op via het contactformulier.

 
Onthulling plaquette omgekomen medewerkers NS Hoofdwerkplaats Tilburg (Arjan Vrieze)
Op vrijdag 1 maart 2019 is in de bibliotheek 'LocHal' van Tilburg de plaquette opnieuw onthuld waarmee de in de Tweede Wereldoorlog omgekomen NS-medewerkers van Hoofdwerkplaats Tilburg herdacht.
 
De bibliotheek is ondergebracht in de LocHal, de voormalige hal van NS Hoofdwerkplaats Tilburg waar aan locomotieven werd gewerkt. Deze NS vestiging is in 2011 verhuisd naar Berkel-Enschot. De plaquette die vroeger aan het portiersgebouw hing, is op 1 maart 2019 opnieuw onthuld op deze locatie. Met de plaquette worden de in de Tweede Wereldoorlog omgekomen NS-medewerkers van Hoofdwerkplaats Tilburg herdacht.
 
Na korte toespraken door Hans Clijsen namens de organisatie en door Wethouder de Vries werd de plaquette onthuld door de wethouder samen met 2 nabestaanden.
 
 
Klik hier voor de fotoreportage

 
Poolse vliegeniers vochten voor de vrijheid van anderen (Wijnand de Gelder)
Op TracesOfWar.nl bespraken we onlangs het door Pen & Sword uitgegeven boek "The Polish 'Few'" van schrijver Peter Sikora. Het gaat over Poolse vliegeniers tijdens de Slag om Engeland. We stelden hem via e-mail enkele vragen.

 
Wij hebben uw boek “The Polish Few” gerecenseerd. U heeft een speciale interesse voor de vroegere Poolse luchtmacht en de Poolse deelname aan de Slag om Engeland en de Tweede Wereldoorlog. Waar komt deze fascinatie vandaan?
 
Ik zal beginnen met een korte toelichting. Er bestond niet zoiets als een “vroegere Poolse luchtmacht”, niet in Polen (waar een luchtmacht een integraal onderdeel was van de strijdkrachten en bekend stond onder verschillende namen,waarvan “Lotnictwo Wojskowe” (Militaire Luchtvaart) de meest populaire was) en ook niet in 1940 in Frankrijk. Het was in Groot-Brittannië, waar de Poolse luchtmacht haar geschiedenis begon als een onafhankelijke structuur van de Poolse strijdkrachten in ballingschap, die eerder dan er deel van uit te maken onder operationele en logistieke leiding van de RAF vloog.
 
Terugkomend op de vraag, ik dacht dat het nodig was om dit verhaal onder de aandacht van niet-Poolse lezers te brengen, aangezien Poolse piloten en grondpersoneel een belangrijke rol speelden in de Battle of Britain. Ik heb altijd van geschiedenis gehouden, wat niet gemakkelijk was in Polen, dat werd geregeerd door het communistische regime, gecontroleerd door de Sovjets. Ons werd “hun” versie van de geschiedenis van Polen geleerd. Desondanks kreeg ik het geschiedenisvirus heel vroeg mee van mijn vader, die zelf deel uitmaakte van de Poolse luchtmacht. Bovendien werd ik ook aangemoedigd door mijn geschiedenisleraar, die me zelfs toestond om namens hem geschiedenislessen te leiden.
 
Het schrijven van dit uitgebreide en goed gedocumenteerde boek zal veel tijd in beslag genomen hebben. Hoe lang heeft het geduurd voordat dit boek af was? Vanaf het idee tot aan het verschijnen van de eerst druk.
 
Ik moet toegeven dat het de uitgever was die mij benaderde met dit aanbod, en omdat ik de reputatie van Pen & Sword ken heb ik niet geaarzeld. Het kostte mij ongeveer anderhalf jaar om het te voltooien, maar het is moeilijk om te zeggen of het boek af is of niet, omdat er regelmatig nieuwe materialen opduiken. Ik heb het geluk dat ik in de loop der jaren zoveel materiaal heb verzameld.
 
Hoe heeft u het hele verhaal rond gekregen? Gebruikte u verhalen uit de tweede hand, getuigenverklaringen, interviews en andere documenten?
 
Ik gebruik altijd alle beschikbare bronnen, dit is een standaard onderdeel van de uitgebreide voorbereiding, die ik de laatste tien jaar altijd heb gemaakt bij het schrijven van mijn vorige acht boeken. Om het meest duidelijke en nauwkeurige beeld te krijgen, vergelijk ik alle materialen. Dat is het mooie aan het schrijven van een historisch boek; je hebt vaak te maken met tegenstrijdige gegevens. Ik had het biografische gedeelte bijna klaar als resultaat van mijn langdurige onderzoek. Er waren echter enkele nieuwe gegevens, meestal verkregen van de families van de Poolse piloten.
 
Heeft u hulp gekregen bij het verdiepen van alle verhaallijnen en zo ja, van wie? Heeft u bijvoorbeeld steun gehad van veteranenclubs of een vereniging van verschillende squadrons?
 
Natuurlijk. Het is niet mogelijk om dit soort boeken zonder hulp te schrijven. Alle weldoeners worden vermeld aan het begin van “The Polish Few” en ik wil niet speculeren wie het meest heeft bijgedragen, want al hun hulp was geweldig. Ik had het geluk een paar van de Poolse piloten enkele jaren geleden te ontmoeten, maar nu zijn ze allemaal overleden. De laatste Poolse veteraan van de Battle of Britain stierf in 2011, terwijl de Poolse Luchtmachtvereniging een jaar eerder werd opgeheven.
 
Zijn sommige delen van deze geschiedenis gemakkelijker te onderzoeken dan andere? Polen was een tijdelijk een communistisch land, dus misschien waren niet alle archieven bewaard en was informatie lange tijd niet toegankelijk.
 
Tijdelijk? Welnu, voor ons, Polen, was vijftig jaar een zeer lange, donkere tijd van leven in angst onder bezetting van het buurland dat ons haatte. Polen werd geregeerd door de regering die tegen onze keuze was geïnstalleerd. Iets wat westerlingen na de oorlog niet hebben meegemaakt.
 
Hoewel de Battle of Britain werd uitgevochten boven Groot-Brittannië is er geen bezetting geweest van Groot-Brittannië en zijn alle archieven die ik voor mijn boek gebruikte hier bewaard gebleven. Ja, je hebt gelijk: de meeste van de Poolse archieven gingen verloren tijdens de Duitse en de Sovjetbezetting.
 
Klik hier om verder te lezen

 
Boekpresentatie Felix C. Bakker (Arjan Vrieze)
Op zondag 10 maart 2019 was in het Herinneringscentrum van Kamp Westerbork een bijzondere bijeenkomst. De presentatie van het boek 'Het zwijgen verbroken' door oorlogsveteraan Felix C. Bakker.
 
Nauwelijks 16 jaar is hij, wanneer hij als marinier in opleiding zijn vuurdoop beleeft bij de invasie van het Japanse leger in Oost-Java. Krijgsgevangen gemaakt wordt hij naar Thailand gedeporteerd, waar hij dwangarbeid verricht aan de beruchte Birma-Siam Spoorweg. Na de Japanse capitulatie wordt Felix ingedeeld bij het Marinevendel, dat als onderdeel van de Gadjah Merah op Bali wordt ingezet tegen de Indonesische opstandelingen. Later wordt hij tijdens de Koude Oorlog door de Nederlandse Marine uitgezonden naar Nieuw-Guinea.
 
Meer dan vijftig jaar na het einde van de Tweede Wereldoorlog vond Felix Bakker dat het tijd was om het zwijgen te verbreken en zijn levensverhaal met anderen te delen. Dat deed hij gedurende de laatste twintig jaar in zelfgeschreven artikelen, in interviews, lezingen en mediaoptredens. Nu zijn memoires in boek verschenen zijn, zal Felix stoppen met publieke optredens.
 
 
Klik hier voor de fotoreportage

 
"De rol van het Nederlandse verzet in de oorlog is totaal onderschat" (Wijnand de Gelder)
Recent verscheen bij de Britse uitgeverij Pen & Sword het boek "The Dutch Resistance Revealed". TracesOfWar-medewerker Wijnand de Gelder recenseerde het boek en stelde de schrijfster, Jos Scharrer, via e-mail enkele vragen over haar boek.
 
 
U bent een journalist uit Zuid-Afrika, getrouwd met de zoon van de Nederlandse verzetsstrijder Henry Scharrer. Wanneer hoorde u voor het eerst over zijn verhaal en hoe reageerde u daarop?
 
Mijn man Richard Scharrer, de oudste zoon van Henry Scharrer, vertelde het mij en de kinderen, het verhaal van zijn vader en het soort persoon dat hij was. Hoe hij vaak weg was en ze hem bijna nooit zagen. Maar thuis was het huis bruisend van activiteit, hoe graag Henry kookte, voornamelijk Frans eten, en plezier beleefde aan het acteren en het doen van nabootsingen en van humor. Hij genoot vooral van het nadoen van Duitse officieren. Ik vond het altijd een fascinerend verhaal.
 
Wat was uw motivatie om dit boek over uw schoonvader te schrijven?
 
Ik geloofde dat dit een verhaal was dat moest worden verteld. Ik was en ben verbaasd dat toen ik onderzoek ging doen naar het Nederlandse verzet, dat bleek hoe weinig bekend was over de groep en haar activiteiten. Veel van de activiteiten van het verzet zijn pas recent vrijgegeven. Bijna 400 verzetsstrijders werden geëxecuteerd door machinegeweervuur buiten het concentratiekamp Vught op 6 september 1944. Henry Scharrer en zijn collega, de 21-jarige Fritz Conijn, waren onder deze doden. En daarnaast werden mensen die het verzet in de loop van de oorlog hadden gesteund vaak verraden (door buren, enz.) en zonder vorm van proces geëxecuteerd. Hun verhalen zijn nooit verteld, behalve in enkele gevallen.
 
U heeft een gedetailleerd en uitgebreid boek geschreven. Waar heeft u uw informatie vandaan? Tweedehands verhalen, ooggetuigenverslagen of andere documenten?
 
De eerste informatie kwam van een lang verhaal dat mijn man Richard voor mij schreef, omdat ik altijd het gevoel had dat ik dit boek moest schrijven. Toen had ik het geluk om te ontdekken, net zoals ik op het punt stond te gaan schrijven, dat een boek over Henry Scharrer en Fritz Conijn net was geschreven en gepubliceerd in het Nederlands door professor Doeko Bosscher van de Universiteit van Groningen. Fritz Conijn was de oom van Bosscher of liever de oudoom.
 
Zijn boek heeft als titel "Haast om te Sterven". Dus plotseling had ik een enorme hoeveelheid informatie die ik nooit had kunnen verkrijgen in normale omstandigheden. Professor Bosscher en ik hebben nog steeds contact. Toen kreeg ik namen van contactpersonen die misschien iets wisten, en had ik e-mailcontact met veel mensen over de hele wereld... Mensen die Henry kenden, of gered werden door Henry, en die verhalen over hem hadden. Rudy Zeeman uit Tasmanië had een boek geschreven over hoe hij uit Nederland was ontsnapt en hoe Henry hem had geholpen. Het wordt "Luck Through Adversity" genoemd en ik heb een kopie. En er is info in de archieven van het British War Museum, maar veel was niet echt bruikbaar behalve enkele feiten en cijfers.
 
Heeft u hulp gekregen bij uw onderzoek, misschien uit Nederland? Welke moeilijkheden heeft u ondervonden?
 
Ik kreeg geen officiële hulp bij mijn onderzoek van welke organisatie dan ook - hoewel ik het Verzetsmuseum in Amsterdam wel benaderde. Ze hebben nooit een van mijn e-mails beantwoord. De Nederlandse ambassade in Pretoria vroeg me om een presentatie voor hen te geven die goed bezocht werd en ze gaven me naderhand enkele namen van organisaties om contact op te nemen. Maar daar kwam niets interessants uit voort. Het lijkt mij dat de Nederlanders na de oorlog gewoon wilden vergeten en verder wilden gaan.
 
Op welke manier beïnvloedde het verzetswerk van uw schoonvader en zijn executie het leven van uw man en zijn gezin?
 
Het gezin was er kapot van. Het leven van mijn man was voor altijd veranderd, en als een jonge tiener was zijn leven compleet van slag. Hij werd alcoholist in zijn latere jaren en had het moeilijk om werk te vinden. Zijn jongere broer Raymond werd echter opgenomen door Nederlandse vrienden en ging naar de universiteit om geoloog te worden. Deze studie werd voor een deel betaald door een stichting die nabestaanden van verzetsmensen hielp. Raymond en zijn vrouw Puck wonen in Brussel.
 
Is Henry Scharrer ooit aanbevolen voor een postume Nederlandse prijs, zoals het Verzetsherdenkingskruis? Zo niet, waarom is dat?
 
Er is nooit enige erkenning door een Nederlandse organisatie of overheid geweest. Misschien omdat Henry eigenlijk een Frans staatsburger was. Zijn prijzen kwamen uit de Verenigde Staten omdat de meeste mensen die hij redde en hielpen neergeschoten geallieerde piloten waren, plus een aantal Nederlanders zoals Rudy Zeeman. Hij zou ongeveer 27 geallieerde vliegtuigbemanningen hebben gered en geholpen. Een aantal van deze mannen hield na de oorlog contact met het gezin, zoals Frank Hart en journalist Eugene Halmos, die in 1996 een boek schreef “De verkeerde kant van de omheining”.
 
Klik hier om verder te lezen

 
Recensie: De Jodenvervolging in foto’s (Luuk van Rinsum)
Op het moment dat de Wehrmacht in mei 1940 ons land bezette, woonden er, inclusief de Joden die vanwege het opkomende antisemitisme uit Duitsland gevlucht waren, 160.000 Joden in Nederland. Tijdens de bezettingsjaren werden 107.000 van deze Joden gedeporteerd naar concentratie- en vernietigingskampen in het oosten van Europa. 102.000 Joden zouden de oorlog niet overleven en kwamen om in de gaskamers van de vernietigingskampen of stierven aan de gevolgen van zware dwangarbeid of andere ontberingen.
 
 
Een van die 102.000 joden is de achtjarige Izaak Muller. Samen met 21 klasgenootjes lacht hij in september 1942 wat verlegen naar de camera voor een klassenfoto. De klassenfoto is opgenomen in het nieuw verschenen fotoboek over de Jodenvervolging in Nederland. Dit keer geen geschreven geschiedenis, maar een aangrijpend boek vol met (onbekende) foto’s. Een van die foto’s is de klassenfoto met de 22 onschuldige schoolkinderen. De foto wordt aangrijpend als je leest dat 21 van de 22 kinderen binnen anderhalf jaar na het maken van de foto samen met hun familieleden om het leven zijn gekomen in de vernietigingskampen Auschwitz en Sobibor. Izaak Muller stierf op 2 juli 1943 samen met zijn vader en moeder in de gaskamers van Auschwitz. Het abstracte getal 102.000 krijgt door deze op het oog zo normale klassenfoto een gezicht.
 
Over de Jodenvervolging in Nederland is al veel geschreven. In veel van die boeken staan foto’s die het verhaal ondersteunen. De samenstellers van dit fotoboek, beide onderzoeker bij het NIOD, het instituut voor oorlogs-, holocaust- en genocidestudies, oordeelden dat er nog geen enkel boek over de Jodenvervolging bestond waarin juist het beeld centraal stond en niet de tekst. René Kok en Erik Somers stelden daarom een boek samen met honderden (amateur)foto’s over dit thema. Hierbij selecteerden ze foto’s die aanspreken, emoties oproepen, verontrusten, bewust maken en het geweten in beroering brengen. De foto’s hebben ze vervolgens voorzien van achtergrondinformatie.
 
Na het uitbreken van de oorlog raakten Janny en haar man als vanzelf betrokken bij het verzet. In de loop van 1941 werden ook Lien en haar man actief. Ze zorgden voor onderduikers, verspreiden verzetskranten, vervalsten en stalen persoonsbewijzen en handelden in voedselbonnen
 
Het boek is opgedeeld in een aantal hoofdstukken. Het begint bij het Joodse leven voor de oorlog en laat vervolgens de eerste oorlogsjaren zien, waarin de Joden steeds meer beperkt werden in hun bewegingsvrijheid tot de uiteindelijke deportatie en de vernietiging. Er is in de volgende hoofstukken ook aandacht voor de onderduikers, de daders en de terugkeer van de Joden die de concentratiekampen overleefden.
 

 
Nieuwe artikelen op TracesOfWar.nl
 
Baedeker Raids op Britse steden
Karl Baedeker begon in 1832 met het uitgeven van reisgidsen. Hij was niet de eerste die dat deed, maar zijn zorgvuldigheid en het opkomende toerisme zorgden ervoor dat zijn reisgidsen populair werden. Qua inhoud zijn de reisgidsen van tegenwoordig niet anders; een beschrijving van de mogelijkheden ergens te komen, waardering van verschillende onderkomens en eetgelegenheden, gedetailleerde kaarten, interessante gebouwen, musea en bezienswaardigheden. Reizen en kennis maken met andere culturen staat in schril contrast met vernietigende bombardementen op steden. Toch zijn de reisgids en deze bombardementen met elkaar verbonden. Hoe is het zover gekomen?
 
 
Tannenbergmonument
In het huidige Duitsland is het over het algemeen niet opportuun stil te staan bij allerlei militaire acties, personen en gedenktekens. Zulke heldenverering past niet meer in de 21e eeuw. Liever is men pacifistisch en gedenkt men de slachtoffers van vervolging en geweld. Niet helemaal onbegrijpelijk met de verschrikkingen van de Tweede Wereldoorlog in gedachten. Zes decennia daarvoor was dat heel anders. Sterven voor het vaderland was weliswaar tragisch, maar ook eervol. Logisch dus ook dat er veel monumenten werden geplaatst ter ere van gewonnen veldslagen, zegevierende militaire leiders en gesneuvelde soldaten. Een zo’n monument was het Tannenbergmonument.
 
 
Tankmunitie in Italië (1930-1945)
Dit artikel behandelt de belangrijkste soorten munitie die door Italiaanse tanks en antitankgeschut werden gebruikt. Het merendeel van de Italiaanse tanks bestond uit lichte en middelzware modellen. Vaak was de stalen bepantsering met behulp van klinknagels bevestigd. Dat had een zeer groot nadeel: na impact van vijandelijke antitankprojectielen konden de klinknagels los gaan zitten en zelfs losschieten. Zodoende ontstonden dodelijke rondvliegende klinknagels (of fragmenten daarvan) die de Italiaanse tankbemanningen dodelijk konden verwonden. Het feit dat de bepantsering van de meeste Italiaanse tanks niet erg dik of sterk was (soms waren pantserplaten breekbaar), droeg ook niet bij aan een goede bescherming voor de bemanningsleden.
 
Klik hier voor het artikel


STIWOT Nieuwsbrief
19de jaargang, 3e editie
maart 2019

 


De schrijvers in deze Nieuwsbrief zijn onafhankelijk en niet gebonden aan enig politiek denkbeeld of groepering. Grote interesse in de Tweede Wereldoorlog en de behoefte om er iets mee te doen hebben geresulteerd in dit continue project op vrijwillige basis.

Indien u ideeën, vragen of opmerkingen heeft verzoeken wij u om contact op te nemen met STIWOT.