Overzicht:
- Interview met schrijfster Mieke Kirkels
- Auteurs gezocht voor Go2War2.nl
- Recensie: Himmlers geheime deal
- Fotoreportages herdenking Market Garden
- Recensie: De grote ontsnapping
 

 
Interview met schrijfster Mieke Kirkels (Vincent Krabbendam)
Dat van het één het ander kan komen, hoef je Mieke Kirkels niet uit te leggen. Via een oral history-project over de Amerikaanse begraafplaats in Margraten kwam zij verhalen van Afro-Amerikaanse soldaten op het spoor. Dat leidde tot de biografie van één van hen, en daar kwam weer het boek ‘Kinderen van zwarte bevrijders’ uit voort. Intussen blijken er in diverse landen soortgelijke projecten te zijn ontstaan. De volgende stap is dan ook internationale samenwerking.
 
Het begon allemaal met een lokaal oral history-project. Mieke Kirkels had in 2008 en 2009 de leiding over ‘Akkers van Margraten’ en ze was voorzitter van de gelijknamige stichting. Dit project leidde tot een boek en film over de Amerikaanse begraafplaats in Margraten. Eén van de mannen die daar in 1944 als grafdelver werkte, was de toen negentienjarige Jefferson Wiggins. Hij maakte onderdeel uit van een compagnie Afro-Amerikaanse soldaten die ondersteunende werkzaamheden verrichtte, waaronder dus het begraven van gesneuvelde soldaten.
 
Jefferson Wiggins (eerste rij, derde van rechts) met leden van zijn eenheid gedurende hun training voor vertrek naar Europa. Bron: U.S. Army
 
Vanzelf is het niet gegaan, legt Mieke Kirkels uit. Zeker het begin was lastig. Niet omdat het aan goede wil ontbrak; er was gewoon nauwelijks informatie te vinden over Wiggins en compagniegenoten. “De zwarte soldaten hadden bijvoorbeeld geen veteranenorganisaties, dus na de oorlog werd er eigenlijk geen contact onderhouden. We waren al even bezig toen we een mailtje kregen van een mevrouw uit Amerika. Zij was erg blij dat er eindelijk iets in het Engels over Margraten online was gezet. Daar zocht ze namelijk naar voor haar buurman, die als captain leiding had gegeven aan de grafdelvers.”
 
Namens Kirkels en haar collega’s vroeg de vrouw aan captain Solms of hij wellicht grafdelvers kende. “Pas twee jaar daarvoor had hij bij een kleine ceremonie eindelijk weer eens een zwarte grafdelver uit de oorlog ontmoet. Dat was Jefferson Wiggins. Die was eigenlijk als enige online vindbaar omdat hij docent aan een universiteit was geworden en een boek had geschreven. Dus als die vrouw niet op ‘Margraten’ was gaan Googlen voor haar buurman, captain Solms, was ik wellicht nooit met Jefferson Wiggins in contact gekomen.”
 

 
Auteurs gezocht voor Go2War2.nl (Redactie Go2War2.nl)
Erik Hazelhoff Roelfzema, Albert Speer, Koningin Wilhelmina, Douglas MacArthur, vernietigingskamp Chelmno, de Hongerwinter, kamp Amersfoort, de Poolse opstand in Warschau, de slagen om El Alamein, de slag om Guadalcanal, de Mauser C96 en de conferentie van Potsdam. Het zijn zomaar wat onderwerpen die op Go2War2.nl nog onbeschreven zijn.
 
Ben je net als wij gefascineerd door de geschiedenis van de Tweede Wereldoorlog en wil je je kennis graag delen met een groot publiek? Dan kunnen we je heel goed gebruiken als auteur voor Go2War2.nl, de grootste Nederlandstalige website over de Tweede Wereldoorlog.
 
Auteurs van historische artikelen schrijven over meestal zelfgekozen onderwerpen over de zeer diverse geschiedenis van de Tweede Wereldoorlog. Objectiviteit, een goede bronvermelding en een goed leesbaar en correct taalgebruik zijn enkele belangrijke eisen die wij stellen aan de artikelen. Een beginnende auteur wordt, indien nodig, begeleid door een ervaren auteur.
 
Om te kunnen beoordelen of iemand geschikt is als auteur verlangen we bij aanmelding een proefartikel. Het onderwerp wordt in overleg bepaald. Wil je meer informatie of meteen aan de slag? Stuur dan een mailtje naar: redactie@go2war2.nl.

 
Recensie: Himmlers geheime deal (Annabel Junge)
Bijna iedereen kent de namen als Oskar Schindler en Raoul Wallenberg als het gaat om het redden van Joden in de Tweede Wereldoorlog. Maar er waren velen ‘Schindlers’ en ‘Wallenbergs’, en een aantal van hen kwam zelfs uit een veel minder bekende hoek. Daarover gaat het boek ‘Himmlers geheime deal – opmerkelijke reddingsoperaties in de laatste jaren van de Tweede Wereldoorlog’ geschreven door de Canadese journalist Max Wallace. Het is jammer dat bij de vertaling niet de oorspronkelijke titel ‘In the name of humanity’ is aangehouden, want de huidige Nederlandse titel suggereert meer dan het boek kan waarmaken en doet afbreuk aan de werkelijke inhoud: de reddingsoperaties die opgezet waren door orthodoxe Joden in Zwitserland en die uiteindelijk heel Europa zouden omvatten.
 
 
Het idee voor dit boek ontstond toen Wallace interviews maakte voor de Shoah Visual History Foundation – in 1994 in het leven geroepen door filmregisseur Steven Spielberg om de getuigenissen over de Jodenvervolging te bewaren voor latere generaties. Door deze interviews kwam Wallace, zoals hij zelf schrijft: ‘…op een historisch spoor waardoor de geschiedenis van de Holocaust nu, vijftien jaar later, wel eens herschreven zou kunnen worden.’ Een boude uitspraak, er zijn immers al heel veel publicaties over de Holocaust verschenen, daaraan kan toch niets nieuws meer toegevoegd worden, zou je denken. Doch het tegendeel blijkt. Een vrij onbekend verhaal kwam naar voren tijdens deze interviews. Over een groep orthodoxe Joden die vanuit Zwitserland reddingsoperaties uitvoerden om zoveel mogelijk Joden van de vernietiging te redden. De leiding van deze groep lag in handen van het echtpaar Recha en Isaac Sternbuch en dan van Recha in het bijzonder. Deze inzet van orthodoxe Joden in de Holocaust is lange tijd onderbelicht gebleven, omdat deze Joden door buitenstaanders vaak beschouwd worden als aparte mensen, zo is Wallaces ervaring, sprekend vanuit zijn eigen Joodse achtergrond.
 
Recha Sternbuch was in Polen geboren (1905) als Recha Rottenberg en was dochter van de rabbijn en chassidische geleerde Mordechai Rottenberg. Hij was een sterk voorstander van het in stand houden van het orthodoxe Jodendom en werd in die kringen zeer gerespecteerd. In 1928 trouwde Recha met Isaac Sternbuch – eveneens afkomstig uit een orthodox gezin – en ze verkreeg daardoor de Zwitserse nationaliteit. Als orthodoxe Jodin voelde Recha zich een vreemdeling in Sankt Gallen, waar het echtpaar zich gevestigd had. Maar dat weerhield haar niet om haar huis gastvrij open te stellen voor iedereen en van dat initiatief werd al snel dankbaar gebruik gemaakt. Na de machtsovername van Adolf Hitler kwam er een vluchtelingenstroom op gang. Duitse communisten en sociaaldemocraten en Joden probeerden te vluchten naar het ‘neutrale’ Zwitserland. Communisten waren echter niet welkom, Joden daarentegen mochten vooralsnog de grens over, maar werden beschouwd als buitenlanders. Het huis van de Sternbuchs werd als snel bekend als opvanghuis waar vele Joden onderdak vonden. Door de flink toenemende stroom vluchtelingen scherpten de Zwitserse autoriteiten hun maatregelen flink aan. Zwitserland wilde zichzelf blijven zien als doorgangsland en niet als land van vestiging en de geëmigreerde Joden kregen o.a. het verbod om een beroep uit te oefenen. Na de Anschluss met Oostenrijk in 1938 werden de regels opnieuw aangepast. Uit angst voor een nog grotere stroom Joodse vluchtelingen werd besloten over te gaan tot uitzetting. Joden die de Zwitserse grens passeerden, werden teruggestuurd naar landen van herkomst als nazi-Duitsland en het geannexeerde Oostenrijk.
 
Lees verder op Go2War2.nl

 
Fotoreportages herdenking Market Garden (Redactie WO2Actueel)
Op TracesOfWar zijn de afgelopen weken vele fotoreportages met betrekking tot de herdenking van operatie Market Garden verschenen:
 
 
Veel dank aan Arjan Vrieze. Bekijk en lees deze fotoreportages nu op de website TracesOfWar.

 
Recensie: De grote ontsnapping (Wesley Dankers)
Het verhaal van de Britse krijgsgevangenen die in 1944 ontsnapten uit het kamp Oflag 3 in Sagan is alom bekend. Vooral door de film ‘The Great Escape’ uit 1963, die op deze gebeurtenis gebaseerd is. Wat minder bekend is, is dat er meerdere van dergelijke grootschalige, goed voorbereide ontsnappingspogingen hebben plaatsgevonden. In het boek ‘De grote ontsnapping’ beschrijft de Australische historicus Stephen Dando-Collins het verhaal van het krijgsgevangenenkamp Oflag XXI-B in Schubin (tegenwoordig Szubin in Polen) waar vanuit meerdere (pogingen tot) ontsnappingen hebben plaatsgevonden. Dando-Collins (Lauceston, Tasmanië, 1950) is in Australië en daarbuiten een bekend historicus met meer dan twintig boeken op zijn naam over moderne en klassieke geschiedenis. Hij schreef onder meer over Julius Cesar, Cornelius Vanderbilt en Paul Brickhill (tijdens de oorlog een deelnemer aan ‘The Great Escape’ en de latere biograaf van Douglas Bader).
 
 
Het boek begin met een ontsnapping uit het kamp in maart 1943 van 36 Amerikaanse en Britse gevangenen. Deze werd minutieus voorbereid. Behalve dat er vijf tunnels werden gegraven, waar meerdere teams per dag aan werkten, waren er ook groepen die zich bezighielden met het maken van kaarten, valse identiteitsbewijzen, burgerkleding, calorierijk voedsel en andere benodigdheden voor de ontsnapping. Ondanks deze maatregelen liep te ontsnapping uit op een mislukking. De veiligheidsmaatregelen in het kamp werden daarop aangescherpt door de Duitsers. Het kamp werd ook hernoemd tot Oflag 64. Voortaan zouden er alleen Amerikaanse militairen worden geïnterneerd. Ook zij gingen zich bezighouden met het beramen van ontsnappingsplannen. Zij deden dit op een minder georganiseerde manier dan de Britten en werkten vaak individueel of in kleine groepen. Voor elk ontsnappingsplan was wel de toestemming nodig van het ontsnappingscomité dat werd geleid door de ‘S-2 officier’ Lieutenant Colonel Jim Alger. Veel plannen passeren gedurende de boek de revue. Sommige eenvoudig, bijvoorbeeld het doorknippen van de omheining. Andere juist erg ingewikkeld, zoals het graven van een tunnel die door zijn complexiteit niet onder deed voor die werd gebruikt bij de grote ontsnapping uit Sagan.
 
De lezer maakt gedurende het boek kennis met veel personages. Voor het merendeel krijgsgevangenen, zowel officieren als soldaten. Onder hen zijn een aantal opvallende figuren, zoals een voormalig adjudant van Dwight Eisenhower, de schoonzoon van Lieutenant General George Patton, een aantal leden van de OSS (de voorloper van de CIA), de zoon van de beroemde schrijver Ernest Hemingway en een Lieutenant Colonel die met weinig succes van alles probeert om uit Duitse gevangenschap te ontsnappen. Al deze figuren worden kort geïntroduceerd. Veel van hen worden niet uitgediept en de namen en gebeurtenissen volgen elkaar snel op, waardoor het soms moeilijk is te bepalen wie ook alweer wie is en wat zijn bijdrage is aan welk ontsnappingsplan. De hoofdlijn van het verhaal blijft overigens wel duidelijk. Het boek leest bij tijd en wijlen als een spannend jongensboek. Dando-Collins wordt door collega’s weleens vergeleken met Stephen Ambrose. Dit is wel begrijpelijk. De aan de ene kant vlotte en verhalende maar aan de andere kant ook gedetailleerde schrijfstijl van de twee heren komt overeen. Beide auteurs volgen ook een behoorlijk aantal karakters in hun boeken.
 
.
 
 
 

STIWOT Nieuwsbrief
17de jaargang, 9e editie
 september
2017
 


De schrijvers in deze Nieuwsbrief zijn onafhankelijk en niet gebonden aan enig politiek denkbeeld of groepering. Grote interesse in de Tweede Wereldoorlog en de behoefte om er iets mee te doen hebben geresulteerd in dit continue project op vrijwillige basis.

Indien u ideeën, vragen of opmerkingen heeft verzoeken wij u om contact op te nemen met STIWOT.